European Economic
and Social Committee
De kosten van het niet deel uitmaken van het Schengengebied voor de interne markt van de EU
Door Mariya Mincheva
Bulgarije en Roemenië voldeden in 2011 al aan de voorwaarden voor toetreding tot het Schengengebied, maar 13 jaar later kunnen ze nog steeds niet ten volle profiteren van de voordelen van vrij verkeer. Dit heeft een politieke prijs en werkt euroscepsis in de hand.
Tijdens een zitting van de Raad op 22 november in Boedapest kwamen de ministers van Binnenlandse Zaken van Hongarije, Oostenrijk, Bulgarije en Roemenië overeen “de nodige stappen te ondernemen” om een datum vast te stellen voor het opheffen van de controles aan de landsgrenzen. Voorwaarde was wel dat er meer inspanningen zouden worden geleverd om irreguliere migranten die via de Westelijke Balkanroute reizen, tegen te houden.
Het Akkoord van Schengen is van essentieel belang voor het vrije verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal binnen de EU en is medebepalend voor het economische succes van de EU. Beperkingen daarvan ondermijnen het concurrentievermogen en de economische groei van de EU en belemmeren de totstandbrenging van een sociale markteconomie, zoals afgesproken in de Verdragen.
Het komt al jaren voor dat lidstaten tijdelijk weer grenscontroles invoeren, maar er is nog nooit gekeken naar de economische en sociale gevolgen hiervan voor de eengemaakte markt. De Europese Commissie buigt zich wel over fysieke handelsbelemmeringen, maar daaronder vallen alleen zaken als grensblokkades, demonstraties en agressie tegen truckers. De gevolgen van controles aan de landsgrenzen, zoals de tijdelijke herinvoering van grenscontroles door de Schengenlanden, worden hierbij buiten beschouwing gelaten.
In 2023 heeft de Raad besloten de controles aan de interne lucht- en zeegrenzen met Bulgarije en Roemenië met ingang van 31 maart 2024 op te heffen. De controles aan de binnengrenzen worden echter gehandhaafd en het is niet bekend wanneer deze zullen verdwijnen. Dit brengt aanzienlijke kosten met zich mee en heeft tot gevolg dat bedrijven de voordelen van de eengemaakte markt niet ten volle kunnen benutten.
Door stappen te zetten in de richting van de volledige integratie van Bulgarije en Roemenië in het Schengengebied kan de EU haar interne cohesie versterken, haar concurrentievermogen vergroten en de grondbeginselen van vrij verkeer en solidariteit die aan het Europese project ten grondslag liggen, handhaven.
Volgens het Europees Parlement zou het feit dat deze landen geen deel uitmaken van het Schengengebied, de marktverwachtingen omtrent de positie van deze landen in de EU kunnen beïnvloeden. Hiermee wordt een politiek signaal afgegeven dat van invloed kan zijn op het rendement van staatsobligaties, de prijs van financiële activa en de rentetarieven voor burgers en bedrijven, en schadelijke consequenties kan hebben voor de reële economie.
Beide landen geven jaarlijks miljarden euro’s uit als gevolg van hogere logistieke kosten, vertragingen bij de levering van goederen en apparatuur, en hogere brandstofprijzen en chauffeurskosten. Deze directe kosten worden onvermijdelijk doorberekend aan de consument in de vorm van hogere prijzen en hebben gevolgen voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid van werknemers.
Het toerisme lijdt hieronder. Ook het vrije verkeer van werknemers wordt erdoor belemmerd, met als gevolg dat werknemers uit Bulgarije en Roemenië minder mogelijkheden hebben om werk te zoeken in aangrenzende EU-lidstaten. Dit heeft zijn weerslag op de bouw, de landbouw en de dienstensector, die sterk leunen op seizoenarbeiders en tijdelijke arbeiders.
In zijn verslag over de toekomst van de eengemaakte markt roept Enrico Letta op tot krachtig verzet tegen iedere poging om het vrije verkeer tussen de lidstaten te beperken, met inbegrip van technische belemmeringen voor routes en wegvervoer, en tegen iedere opschorting van het Akkoord van Schengen.
Het is hoog tijd dat de Raad een datum vaststelt voor het opheffen van de grenscontroles tussen Bulgarije, Roemenië en de andere EU-landen die lid zijn van het Schengengebied. Een definitief besluit hierover wordt verwacht tijdens de zitting van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken van de EU op 12 december.