Circulaire overheidsopdrachten moeten verplicht worden gesteld in de EU

Overheden zijn de grootste Europese consumenten: hun jaarlijkse uitgaven vertegenwoordigen ongeveer 14 % (of 2 biljoen EUR) van het totale bbp van de EU. Het gaat daarbij hoofdzakelijk om uitgaven in het kader van openbare aanbestedingen voor werken, diensten en leveringen.

De afgelopen jaren heeft de EU alles in het werk gesteld om overheden aan te moedigen duurzamere consumptiepatronen te omarmen, verder te kijken dan hun kortetermijnbehoeften en de langetermijneffecten van elke aankoop in overweging te nemen.

De Europese Commissie publiceert al sinds 2017 richtsnoeren in de vorm van criteria voor groene overheidsopdrachten; daarbij worden geleidelijk aan elementen van de circulaire economie ingevoerd om de energie- en materiaalkringlopen in toeleveringsketens te sluiten en tegelijkertijd negatieve milieueffecten en afval tot een minimum te beperken.

Aangezien het gaat om vrijwillige maatregelen is de impact ervan beperkt gebleven. Volgens het EESC is de tijd gekomen om verplichte minimumcriteria voor groene overheidsopdrachten in te voeren en de circulaire economie een krachtige impuls te geven via aanbestedingsrichtlijnen en sectorspecifieke wetgeving.

Dankzij circulaire overheidsopdrachten zullen overheden zich niet langer blind staren op het criterium van de laagste prijs op het moment van de aankoop.

“Aanbestedingen zijn in veel gevallen controversieel omdat de selectiecriteria voor projecten maar al te vaak bijzonder eenzijdig zijn, en er geen oog is voor de levenscycluseffecten of de verwezenlijkingen van een project”, aldus de heer Wyckmans, rapporteur. “We moeten afstappen van de laagste prijs als enig gunningscriterium en meer kijken naar de prijs-kwaliteitverhouding, dat wil zeggen innovatie, kwaliteit van producten en diensten, duurzaamheid, vergroening en sociale impact.”

De Europese Commissie heeft al een aantal tools voor de berekening van de levenscycluskosten ontwikkeld, waarvan aanbesteders gratis gebruik kunnen maken om producten en diensten tegen het licht te houden. Dankzij deze instrumenten kunnen overheden de levenscycluskosten van een product, werk of dienst in aanmerking nemen, van aankoop via gebruik en onderhoud tot het einde van de levensduur. Het EESC is echter van oordeel dat ook de koolstofkosten moeten worden meegewogen.

Voorts is het in de ogen van het EESC van essentieel belang dat kleine en middelgrote ondernemingen de kans krijgen om in te schrijven op circulaire overheidsopdrachten en de nodige hulp krijgen. Het potentieel van deze ondernemingen is enorm, maar door de complexiteit van de procedure dreigen zij te worden veroordeeld om toe te kijken vanaf de zijlijn. Alleen met de nodige ondersteuning zullen zij in staat zijn bij te dragen aan lokale en mensgerichte aanbestedingen. (dm)