European Economic
and Social Committee
EESC spreekt met Italiaans minister Marina Calderone over inclusieve arbeidsmarkten in de EU
In een debat met de Italiaanse minister van Arbeid op 22 maart schaarde het EESC zich achter het initiatief van de Commissie om de rol en de onafhankelijkheid van nationale organen voor gelijke behandeling te versterken en zo discriminerende praktijken op de arbeidsmarkten van de EU uit te bannen.
Beide partijen verklaarden achter het doel van het voorstel van de Commissie voor een richtlijn inzake normen voor nationale organen voor gelijke behandeling te staan, namelijk om deze organen efficiënter te maken. Het voorstel vloeit voort uit het feit dat het met de huidige wetgevende maatregelen voor gelijke behandeling niet is gelukt om de EU-wetgeving ter bestrijding van ongelijke behandeling en discriminatie adequaat te handhaven.
In zijn advies Versterking van de rol en onafhankelijkheid van organen voor gelijke behandeling, dat na afloop van het debat tijdens de zitting werd goedgekeurd, benadrukt het EESC dat het juiste evenwicht moet worden gevonden tussen het subsidiariteitsbeginsel en bindende normen om de nationale organen sterker en efficiënter te maken. Tijdens het debat kreeg dit standpunt bijval van de Italiaanse minister.
"Het is niet alleen een kwestie van rechtvaardigheid dat verschillende groepen op de arbeidsmarkt actief moeten kunnen zijn. Vanuit economisch en sociaal oogpunt is er ook veel voor te zeggen. Het blijft het Comité wel zorgen baren dat de bescherming tegen discriminatie en ongelijke behandeling nog niet overal in de EU op hetzelfde peil is. Daarom pleit het voor krachtige mechanismen om hier toezicht op te houden, onder meer door de nationale organen voor gelijke behandeling te versterken", aldus EESC-voorzitter Christa Schweng.
Minister Calderone zei dat de Italiaanse regering het eens is met de doelstelling van de Commissie, maar hamerde wel op het belang van consistentie met al bestaande nationale systemen en organen, zoals de raden voor gelijke behandeling in Italië die op zowel nationaal als regionaal niveau actief zijn.
"De integratie waarover we het vandaag hebben moet centraal blijven staan op de Europese sociale agenda en eenzelfde belang toegekend krijgen als de lopende discussie over de hervorming van de economische en financiële governance van de EU. We weten hoe moeilijk het nog altijd is om daadwerkelijk voor gelijke kansen op de arbeidsmarkt te zorgen. Voor sommige sociale groepen zijn er nog steeds torenhoge obstakels om de arbeidsmarkt te betreden en voor sociale bescherming in aanmerking te komen", aldus mevrouw Calderone.
Zij wees erop dat het verschil in arbeidsparticipatie tussen mannen en vrouwen in de EU nog steeds meer dan 10% bedraagt. Er was volgens haar geen enkel land in de EU zonder zo’n genderkloof, en overal trekken vrouwen aan het kortste eind. Jonge afgestudeerden hebben ook moeite om een baan te vinden. Personen met een handicap, legale migranten en vluchtelingen krijgen nog altijd met discriminatie te maken als zij een baan zoeken of proberen te behouden. (ll)