Jongeren moeten hetzelfde loon en dezelfde socialezekerheidsuitkeringen krijgen als andere werknemers, dus ook hetzelfde minimumloon, wat in veel lidstaten nog steeds niet het geval is.

Volgens het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) moeten de EU en de lidstaten een eind maken aan discriminerende praktijken tegen jongeren, zoals minimumjeugdlonen en onbetaalde stages. Jongeren moeten ook meer worden betrokken bij het uitstippelen van beleid, vooral wanneer zij er rechtstreeks de gevolgen van ondervinden.

Deze eisen, die het EESC onderbouwt in twee tijdens de zitting van 15 juni goedgekeurde adviezen, sluiten aan bij het verslag van het Europees Parlement over hoogwaardige stages, waarin de Commissie wordt opgeroepen een richtlijn voor te stellen die het illegaal zou maken om stagiairs voor langere perioden zonder loon in dienst te nemen.

“Jongeren die minder verdienen dan het minimumloon of die hun stage niet betaald krijgen, hebben een negatieve ervaring op de arbeidsmarkt. We mogen onze ogen niet sluiten voor deze realiteit, die hardnekkig voortduurt in sommige lidstaten,” aldus Michael McLoughlin, rapporteur van het advies over Gelijke behandeling van jongeren op de arbeidsmarkt.

“Jongeren hebben het recht om gehoord te worden en het heft in eigen hand te nemen,” zei Nicoletta Merlo, rapporteur van het advies over Samenwerking op het gebied van jeugdzaken, dat op verzoek van het Spaanse voorzitterschap is uitgebracht om de EU-jongerenagenda een nieuwe impuls te geven.

“Zij moeten worden aangemoedigd om deel te nemen aan het hele beleidsproces, van het ontwerp en de uitvoering tot en met de follow-up ervan. Hierbij moeten jongerenorganisaties een belangrijke rol krijgen en moet rekening worden gehouden met de nieuwe informele manieren waarop jongeren samenkomen, samenwerken en de dialoog aangaan,” zo voegde mevrouw Merlo eraan toe.

Het EESC dringt erop aan dat jongeren dezelfde arbeidsomstandigheden en uitkeringen, sociale zekerheid en sociale bijstand krijgen als andere werkenden. Op grond van het beginsel van gelijke beloning voor gelijk werk zouden zij recht moeten hebben op hetzelfde minimumloon als andere werknemers. Dit is momenteel niet het geval in sommige lidstaten die specifieke, lagere minimumjeugdlonen hebben ingevoerd, ondanks het feit dat 1 op de 4 jongeren minimumloner is, tegenover 1 op de 10 volwassenen.

De nieuwe voorzitter van het EESC, Oliver Röpke, legt sterk de nadruk op het belang van de dialoog met jongeren en hun betrokkenheid bij de beleidsvorming.

In een discussie met jongerenorganisaties tijdens de zitting zei Röpke: “Wij zetten ons in voor een inclusiever model dat jongeren centraal stelt in het participatieproces. Ik heb het tot mijn politieke prioriteit gemaakt om de deuren van het EESC open te zetten voor jongeren, en wil mij niet beperken tot jongeren uit de EU. Ik wil ook jongerenorganisaties uit kandidaat-lidstaten bereiken.”
Aan de discussie werd deelgenomen door vertegenwoordigers van het Europees Jeugdforum, Generation Climate Europe en de ReDI School of Digital Integration. (ll)