Het EESC staat achter de maatregelen die de Commissie voorstelt om misbruik van brievenbusmaatschappijen tegen te gaan en een minimale effectieve vennootschapsbelasting in te voeren, maar zou graag zien dat deze maatregelen worden aangescherpt. Dat is de strekking van twee tijdens zijn zitting van maart uitgebrachte adviezen, waarin het EESC de vinger legt op mogelijke tekortkomingen en enkele belangrijke aanvullingen voorstelt. 

Om echt herstel na de COVID-19-pandemie mogelijk te maken en de digitale en de groene transitie te financieren, is het van cruciaal belang dat er op de hele eengemaakte markt op een doeltreffende en eerlijke manier belasting wordt geheven. In beide adviezen toont het EESC zich ingenomen met de voorstellen van de Commissie om het gebruik van lege entiteiten voor belastingdoeleinden tegen te gaan en een minimale effectieve vennootschapsbelasting in te voeren, maar wijst het op mogelijke lacunes en stelt het belangrijke aanvullende maatregelen voor. 

“Lege vennootschappen die in de lidstaten zijn opgericht, moeten in overeenstemming worden gebracht met het voorstel van de Commissie, en samenwerking tussen de lidstaten is meer dan ooit noodzakelijk om te voorkomen dat de fiscale slagkracht van de EU wordt uitgehold”, aldus Benjamin Rizzo, rapporteur voor het advies over de bestrijding van het gebruik van brievenbusmaatschappijen

Corapporteur Javier Doz Orrit voegde daaraan toe: “Als de richtlijn tegen brievenbusfirma’s een aanvulling vormt op het wetgevingspakket van de Commissie tegen witwassen, dan moet er ook nog een regel aan toegevoegd worden die de activiteiten van ‘professionele enablers’ aan banden legt”. 

Volgens Krister Andersson, rapporteur voor het advies over een minimale effectieve vennootschapsbelasting zal de OESO “naar verwachting belangrijke regels presenteren met betrekking tot veilige havens, vereenvoudigde administratieve procedures en andere belangrijke punten. Ook deze regels moeten worden opgenomen in de richtlijn. Het is van cruciaal belang dat de wetgeving in de EU op uniforme wijze wordt omgezet en tegelijkertijd wereldwijd en op gelijke wijze wordt toegepast.” 

“Het EESC had echter wel graag gezien dat de onderdelen van de richtlijn waarmee die in overeenstemming wordt gebracht met het EU-recht, waren onderworpen aan een effectbeoordeling”, aldus corapporteur Petru Sorin Dandea. “Wij verzoeken de Commissie een dergelijke analyse uit te voeren en openbaar te maken.” (tk)