Toen de crisis midden maart uitbarstte, kwamen we echt in een ongeziene en ongelofelijke situatie terecht. In heel Europa lag vrijwel alles stil, hoewel niemand op dat moment eigenlijk wist of de lockdown een verschil maakte. Het redden van levens was het belangrijkst en de economie moest worden opgeofferd.

De vier Europese vrijheden gingen van de ene op de andere dag ‘on hold’. Van een interne markt was vrijwel geen sprake meer. We zagen lidstaten leveringen naar andere lidstaten tegenhouden en kopers die in China letterlijk voor de deur van mondmaskerproducenten stonden om elkaar te overbieden.

In mijn land, Estland, was de situatie niet al te slecht. Het gezondheidsstelsel bleek tegen de schok bestand en er gingen gelukkig niet veel levens aan COVID-19 verloren (in totaal 69). In het begin was er een tekort aan mondmaskers en ander beschermend materiaal, maar dit werd uiteindelijk opgelost. Het was positief om te zien hoe sommige bedrijven overschakelden op de productie van broodnodige uitrusting, terwijl andere hielpen met de levering.

Mijn familie en ikzelf zijn vrij goed met de situatie omgegaan. In ons eigen huis met een tuin in een groen gebied hadden we het natuurlijk best goed. Bijna alles was dan wel gesloten – winkelcentra, scholen, bioscopen, theaters en sportfaciliteiten – maar buiten een wandeling maken was toegestaan (met de nodige afstand!) en zelfs aanbevolen.

Het was opmerkelijk om te zien hoe alles plots online gebeurde, van winkelen tot seminars en communicatie. Ook het onderwijs moest online, bij wijze van spreken van de ene op de andere dag. De leerkrachten en kinderen wisten zich goed te redden. Iedereen leerde veel tijdens de crisis en het was hartverwarmend om te zien hoezeer mijn dochter ‘echte’ school miste.

Het juridische team van mijn organisatie, de Estlandse kamer van koophandel en industrie, kreeg een recordaantal consultaties te verwerken. Nooit eerder was op deze schaal overmacht erkend. De economische situatie gaat er langzaamaan op vooruit, maar sommige sectoren kampen nog steeds met grote moeilijkheden. Ik ben bang dat dit nog maar het begin is en dat de situatie in het najaar nog erger kan worden. De overheidsmaatregelen zijn voor veel mensen een hulp, maar wat wanneer die aflopen?

In moeilijke tijden als deze ga je nadenken en waardering opbrengen voor het leven dat we leiden en voor onze vrijheid, in Europa en ook bij het Comité. Het is inderdaad een echte luxe om te kunnen reizen en naar Brussel te komen om hier in debat te gaan. Het is erg belangrijk dat wij ons werk voortzetten om een echte band te behouden tussen verschillende mensen in de verschillende EU-landen, met of zonder crises.