Door de groep Diversiteit Europa van het EESC

Uit een recent onderzoek van het EESC over Nieuwe trends in de ontwikkeling van vrijwilligerswerk in de Europese Unie blijkt dat mensen in alle lidstaten bereid zijn vrijwilligerswerk te verrichten. Maar hoewel er veel animo is voor vrijwilligerswerk loopt het werkelijke aantal vrijwilligers van lidstaat tot lidstaat uiteen, grotendeels als gevolg van verschillen op het vlak van tradities en infrastructuur.

Uit het onderzoek komen ook twee pan-Europese trends in de infrastructuur voor vrijwilligerswerk naar voren: steeds meer nieuwe spelers raken betrokken bij het creëren van animo voor vrijwilligerswerk en het koppelen van potentiële vrijwilligers aan het aanbod van vrijwilligerswerk, en het spontane vrijwilligerswerk neemt toe als gevolg van nieuwe technologieën en sociale media.

De studie pleit ervoor te investeren in de ontwikkeling van de betrokkenheid van derden en belemmeringen voor spontaan, individueel vrijwilligerswerk weg te nemen. Ook wordt aanbevolen vrijwilligersorganisaties te helpen om de activiteiten in kwestie beter af te stemmen op de voorkeuren van potentiële kandidaten.

Het EESC heeft opdracht gegeven tot de studie op verzoek van de groep Diversiteit Europa, waarvan de leden dagelijks in nauw contact staan met vrijwilligers en een cruciale rol spelen in de organisatie en instandhouding van de belangstelling voor vrijwilligerswerk.

De studie werd in december gepubliceerd in het kader van de Internationale Dag van het vrijwilligerswerk en gepresenteerd op een online-evenement dat door de groep Diversiteit Europa was georganiseerd. De persconferentie werd geleid door de vicevoorzitter van de groep Diversiteit Europa, Kinga Joó, met een inleiding door de voorzitter van de groep Diversiteit Europa, Séamus Boland, en een uiteenzetting door de hoofdauteur van de studie, dr. Lucas Meijs, en de rapporteur voor het recente EESC-advies over Vrijwilligers – Burgers bouwen aan de toekomst van Europa, Krzysztof Pater.

Meer over de studie, het EESC-advies en de presentatie van de studie is te vinden op de website van het EESC.