Energietransitie – De EU moet vaart maken

Om de energie- en klimaatdoelstellingen van de EU voor 2050 te halen, moet het tempo van de overgang naar de energie-unie aanzienlijk worden opgevoerd, maar het zou wel eens gevaarlijk kunnen zijn om de sociaal-economische situatie in de afzonderlijke lidstaten over het hoofd te zien, aldus het EESC in een recent advies.

Als geen rekening wordt gehouden met de sociaal-economische omstandigheden in de verschillende lidstaten, kan het maatschappelijk draagvlak voor investeringen en hervormingen die de energietransitie moeten versnellen, in gevaar komen, zo benadrukt het EESC.

In het door Lutz Ribbe opgestelde advies, dat werd goedgekeurd tijdens de plenaire zitting van maart, zet het EESC zijn standpunt over de verslagen uit 2020 inzake de toestand van de energie-unie en de beoordeling van de nationale energie- en klimaatplannen uiteen en stelt het dat de energie- en klimaatdoelstellingen voor 2020 weliswaar grotendeels zijn verwezenlijkt, maar dat het niet het moment is om achterover te leunen.

De doelstellingen voor de komende dertig jaar, te beginnen met de jaren 2020, moeten veel ambitieuzer zijn en de burgers in Europa echt centraal stellen in de energie-unie.

De heer Ribbe zei: “De energietransitie komt in gevaar als de politiek belooft grote delen van de samenleving erbij te betrekken maar deze belofte in werkelijkheid niet serieus neemt en niet nakomt.” (mp)