Verordening gasopslag 2025

Document Type
PAC

Het maatschappelijk middenveld kan kloven overbruggen en schadelijke polarisatie tegengaan

In een tijd waarin onze samenlevingen kampen met groeiende polarisatie en afbrokkelend vertrouwen in democratische instellingen, moet het maatschappelijk middenveld opstaan. Polarisatie is op zich niet altijd negatief, want uiteenlopende meningen zijn goed voor het democratische debat, maar als polarisatie leidt tot vijandigheid, desinformatie en verdeeldheid worden de fundamenten van onze democratie erdoor aangetast.

Het maatschappelijk middenveld kan kloven overbruggen en schadelijke polarisatie tegengaan

In een tijd waarin onze samenlevingen kampen met groeiende polarisatie en afbrokkelend vertrouwen in democratische instellingen, moet het maatschappelijk middenveld opstaan. Polarisatie is op zich niet altijd negatief, want uiteenlopende meningen zijn goed voor het democratische debat, maar als polarisatie leidt tot vijandigheid, desinformatie en verdeeldheid worden de fundamenten van onze democratie erdoor aangetast.

Tijdens de Week van het maatschappelijk middenveld van dit jaar passeerden bijzondere initiatieven ter bestrijding van schadelijke polarisatie de revue. Met de EESC-prijs voor het maatschappelijk middenveld hebben we organisaties in de schijnwerpers gezet die zich bezighouden met mediawijsheid, het tegengaan van desinformatie en het bevorderen van de dialoog tussen de generaties. Het zijn de projecten van dit soort organisaties die we moeten ondersteunen om veerkrachtige en hechte samenlevingen te kunnen opbouwen.

Overal in Europa is sprake van toenemende maatschappelijke versplintering. We staan voor tal van uitdagingen: economische ongelijkheid, sociale uitsluiting, digitale desinformatie en politiek extremisme. De opkomst van populistische bewegingen in heel Europa de afgelopen jaren, de krimpende pluriformiteit van de media en het afkalvende vertrouwen in instellingen illustreren hoe polarisatie ontevredenheid aanwakkert. Deze ontwikkelingen ondermijnen de democratische structuren en hollen de sociale cohesie uit. Dan is het maatschappelijk middenveld niet alleen meer een deelnemer aan het democratische proces – het is de hoeder van de veerkracht daarvan.

Maatschappelijke organisaties zijn al lange tijd voorvechters van de democratische waarden. Ze fungeren als bemiddelaars, brengen mensen met uiteenlopende meningen samen, weerleggen desinformatie en bevorderen een geïnformeerd publiek debat. Ze bieden een platform voor hen die zich niet gehoord voelen en ijveren voor inclusief beleid dat kloven overbrugt in plaats van ze te verdiepen. Via maatschappelijke betrokkenheid, op feiten gebaseerde discussies en initiatieven die verdraagzaamheid stimuleren, draagt het maatschappelijk middenveld actief bij aan het bestrijden van krachten die verdeeldheid zaaien.

Het EESC is er stellig van overtuigd dat het verstevigen van participatie en dialoog de enige weg voorwaarts is. We zien dit elke dag in ons werk: onze leden, die werkgevers, vakbonden en ngo’s vertegenwoordigen, gaan stevige debatten aan, maar altijd met het doel om punten van overeenstemming te vinden. Onze kracht ligt in het streven naar consensus en dit model moet in heel Europa worden verspreid.

Het maatschappelijk middenveld moet in staat worden gesteld om zijn rol bij de bestrijding van polarisatie volledig te vervullen. Dit betekent dat de toegang van maatschappelijke organisaties tot financiering moet worden gewaarborgd, dat hun handelingsvrijheid moet worden beschermd en dat een klimaat moet worden bevorderd waarin hun bijdrage aan de democratie erkenning en waardering krijgt. Participatie-instrumenten, of het nu gaat om burgerraadplegingen, grassrootsinitiatieven of verschillende soorten overlegdemocratie, moeten worden versterkt om ervoor te zorgen dat mensen zich bij de besluitvorming betrokken voelen.

Voor de toekomst van Europa is het doorslaggevend dat zijn burgers zich vertegenwoordigd, betrokken en gehoord voelen. Het maatschappelijk middenveld is geen democratische accessoire – het vormt de ruggengraat van de democratie. In deze tijd van verdeeldheid moeten we maatschappelijke organisaties de instrumenten, erkenning en ruimte geven die ze nodig hebben om onze democratische waarden te blijven verdedigen. Door dialoog te bevorderen, sociale integratie te stimuleren en extremisme te bestrijden kan het maatschappelijk middenveld de kracht zijn die polarisatie verandert van een bron van conflict in een aanjager van constructief debat en sociale vooruitgang.

Laten we ons er samen voor inspannen dat verdeeldheid niet onze toekomst bepaalt. Laten we dus werken aan een Europa waar de diversiteit van meningen onze eenheid versterkt, waar betrokkenheid het vertrouwen herstelt en waar het maatschappelijk middenveld het voortouw neemt om kloven te overbruggen.

Oliver Röpke

Voorzitter van het EESC

We vroegen Javier Garat Pérez, rapporteur voor het EESC-advies Aanbevelingen van het maatschappelijk middenveld voor een Europees oceaanpact, naar het belangrijkste advies van het EESC ten behoeve van het initiatief van de Europese Commissie waarin een alomvattende visie voor het oceaangerelateerde beleid in brede zin wordt uiteengezet. Welke specifieke maatregelen moeten worden genomen om de oceanen te beschermen tegen verwoesting en vervuiling en om hun biodiversiteit te behouden? Wat zijn de grootste bedreigingen voor de gezondheid van oceanen en welke oplossingen stelt het EESC voor? 

We vroegen Javier Garat Pérez, rapporteur voor het EESC-advies Aanbevelingen van het maatschappelijk middenveld voor een Europees oceaanpact, naar het belangrijkste advies van het EESC ten behoeve van het initiatief van de Europese Commissie waarin een alomvattende visie voor het oceaangerelateerde beleid in brede zin wordt uiteengezet. Welke specifieke maatregelen moeten worden genomen om de oceanen te beschermen tegen verwoesting en vervuiling en om hun biodiversiteit te behouden? Wat zijn de grootste bedreigingen voor de gezondheid van oceanen en welke oplossingen stelt het EESC voor? 

Nooit eerder was er zo’n goed opgeleide generatie met zoveel potentieel, maar die tegelijkertijd kampt met zoveel druk en onzekerheid over de toekomst. Hoe kan ervoor gezorgd worden dat de stem van jongeren luider klinkt? En waarom is het, in tijden van toenemende discriminatie en xenofobie in Europa, cruciaal dat in toekomstige EU-jongerenprogramma’s verder aandacht wordt besteed aan de waarde van democratie? EESC-info sprak met Bruno António, jongerenexpert en keynote speaker op “Jouw Europa, jouw mening” (YEYS) 2025.

Nooit eerder was er zo’n goed opgeleide generatie met zoveel potentieel, maar die tegelijkertijd kampt met zoveel druk en onzekerheid over de toekomst. Hoe kan ervoor gezorgd worden dat de stem van jongeren luider klinkt? En waarom is het, in tijden van toenemende discriminatie en xenofobie in Europa, cruciaal dat in toekomstige EU-jongerenprogramma’s verder aandacht wordt besteed aan de waarde van democratie? EESC-info sprak met Bruno António, jongerenexpert en keynote speaker op “Jouw Europa, jouw mening” (YEYS) 2025.

1. Staan jongeren tegenwoordig passief of actief in het politieke en maatschappelijke leven? Op welke manieren kunnen jongeren meer betrokken worden bij de beleidsvorming?

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat jongeren niet onverschillig zijn, en actief participeren. Jongeren zijn zich bewust van belangrijke maatschappelijke kwesties, en ondernemen ook actie om voor verandering te zorgen. Er is in die zin zeker sprake van politiek engagement. Interessant is hoe zich dit uit. Enerzijds zijn er de traditionele manieren van participatie, zoals gaan stemmen, vrijwilligerswerk verrichten bij ngo’s of lid worden van de jongerenafdeling een politieke partij. Tegenwoordig lijken deze vormen minder populair onder jongeren, die liever invloed uitoefenen op de publieke beleidsvorming door petities te ondertekenen of door deel te nemen aan protesten. Daarnaast zijn er ook andere innovatieve participatiekanalen. In het Developing Youth Participation in Local Level (DYPALL)-netwerk onderzoeken we deze kanalen, waaronder raadplegingen, deelname aan lokale jongerenraden en andere lokale dialoogmechanismen voor jongeren. Jongeren willen maar al te graag participeren, maar de meeste geijkte kanalen daarvoor zijn noch jongerenvriendelijk noch echt zinvol.

2. Uit de resultaten van de recente Europese verkiezingen en nationale peilingen blijkt dat veel jongeren op rechtse partijen stemmen. Hoe valt dit te verklaren, en ziet u dit als een zorgwekkende trend die Europese waarden zoals gelijkheid en inclusie in gevaar kan brengen?

De ruk naar rechts onder jongeren is verontrustend. Volgens ons valt die verklaren door onvrede met de mainstreampolitiek, een diep wantrouwen jegens politieke instituties, een verlangen naar een sterke nationale identiteit en angst voor economische en sociale onzekerheid. We moeten de onderliggende oorzaken van alarmerend stemgedrag trachten te begrijpen. Wie anno 2025 jong is, heeft nooit anders gekend dan constante crises en onzekerheid over de toekomst. Nooit eerder was er zo’n goed opgeleide generatie met zoveel potentieel, maar die tegelijkertijd kampt met zoveel druk en onzekerheid over de toekomst. De algoritmen van sociale media zetten polariserende inhoud kracht bij, en geven zodoende standpunten mee vorm.

Dit alles leidt tot onzekerheid over de toekomst. In een stem op een populistische partij kunnen we enerzijds een vorm van protest en een uiting van algemene ontevredenheid zien. Maar er kan ook een verlangen naar een sterke stem die een gevoel van veiligheid biedt achter schuilgaan. De geschiedenis heeft echter aangetoond dat wanneer populistische rechtse partijen aan de macht komen, jongeren vaak gedesillusioneerd raken en zich verraden voelen. Wanneer ze zich realiseren dat rechten, vrijheden en andere waarden waar zij aan hechten ter discussie komen of worden afgepakt, is het vaak al te laat.

Deze trend brengt onze Europese waarden nu al in gevaar. Dit zien we niet alleen in het politieke discours, maar ook in de bredere samenleving, waar xenofobie en discriminatie van mensen die anders zijn gemeengoed worden. Daarom is het essentieel dat toekomstige EU-jongerenprogramma’s blijven inzetten op de democratische waarden van jongeren, zodat zij deze waarden begrijpen, erover leren en er ook praktijkervaring mee opdoen. Tegelijkertijd moeten ze de nodige vaardigheden aanleren om zich te wapenen tegen de lokroep van antidemocratische bewegingen.

3. In hoeverre zijn jonge Europeanen zijn bewust van wat de EU voor hen doet? Hoe kunnen ze zich meer voor de EU interesseren? Hoe beoordeelt u de communicatie-inspanningen van de EU?

We kunnen gerust stellen dat jongeren zich meer EU-bewust zijn dan oudere generaties. Jongerenprogramma’s zoals Erasmus+, het Europees Solidariteitskorps en DiscoverEU dragen bij tot het gevoel deel uit te maken van een Europese identiteit en moeten daarom worden uitgebreid en toegankelijk worden gemaakt voor alle jongeren in Europa.

Maar zijn ze zich echt bewust van wat Europa voor hen doet? Volgens ons niet. De EU moet nog beter inzichtelijk maken hoe zij van invloed is op de samenleving in het algemeen en op jongeren in het bijzonder. De beslissingen van de EU-instellingen hebben een enorme impact en dit zou jongeren moeten stimuleren om zich meer te interesseren voor EU-aangelegenheden. Hoe? Twee ideeën komen bij me op: de EU-instellingen moeten een duidelijk signaal afgeven dat wat op EU-niveau wordt besloten hun leven rechtstreeks beïnvloedt. Ook moeten ze sterker inzetten op programma’s die jongeren meer kansen bieden om te leren en ervaren hoe de EU werkt. Dit kan een gevoel van saamhorigheid, empathie, verbondenheid en vriendschap onder Europeanen vergroten.

De verschillende EU-instellingen hebben al aanzienlijke inspanningen gedaan om de burgers beter te bereiken en hebben met verschillende campagnes en instrumenten ook daadwerkelijk vooruitgang geboekt op dit gebied. Toch is er nog meer nodig. Als het erop aankomt is de afstand tot jongeren vaak toch nog te groot.

De EU is vandaag de dag prominenter aanwezig op de sociale media en richt campagnes ook specifiek op jongeren, maar de verschillende groepen jongeren in de samenleving écht aanspreken lukt vaak niet. De EU moet nieuwe manieren vinden om jongeren te bereiken en met hen op structurele wijze te interageren, bijvoorbeeld door jongeren-ngo’s te stem van jongeren te laten vertolken, door decentrale communicatieplatforms op te zetten en door storytelling-campagnes te ontwikkelen die het EU-beleid koppelen aan de dagelijkse ervaringen van jongeren. Belangrijk is om nieuwe communicatiebenaderingen uit te proberen en jongeren direct te betrekken bij het opzetten en uitvoeren van campagnes en andere outreach-inspanningen. 

2. Tot slot: hoe kan de stem van jongeren luider klinken?

Door jongeren serieus te nemen en hun meerwaarde te erkennen. Instellingen hebben de macht en het vermogen om de stem van jongeren luider te laten klinken, maar wat soms ontbreekt is de bereidheid om de ruimte, de ondersteuning en de instrumenten te bieden om hen op een zinvolle manier te betrekken. Jongerenparticipatie mag geen formaliteit zijn, bijvoorbeeld door jongeren uit te nodigen voor openbare evenementen, wat foto’s te posten op sociale media en hun bijdrage verder te negeren. Jongerenparticipatie moet zinvol zijn, wat betekent dat zij moeten zien wat hun inbreng heeft opgeleverd en welke veranderingen eruit voortvloeien.

De rol van jongeren moet een institutionele invulling krijgen, bijvoorbeeld doordat zij vertegenwoordigd zijn in besluitvormingsorganen. Een andere vereiste is het kweken van vertrouwen; hiervoor moet in tijd en kwaliteitsvolle ruimten en mechanismen worden voorzien. Natuurlijk moet hier ook de nodige financiering worden uitgetrokken, en moeten instellingen de mogelijkheid hebben om beter met jongeren samen te werken en hen te betrekken bij de besluitvorming. Dit vraagt om investeringen, oprechte toewijding en tijd.

Bruno António is uitvoerend directeur bij DYPALL Network, een Europees platform van maatschappelijke organisaties, lokale overheden en onderzoeksinstellingen dat zich inzet voor jongerenparticipatie in lokale besluitvorming. De afgelopen 12 jaar heeft Bruno gewerkt als jongerenexpert en extern adviseur voor verschillende instellingen, zoals de Europese Commissie en de Raad van Europa. Eerder was hij secretaris-generaal van Youth for Exchange and Understanding en uitvoerend directeur bij ECOS - Cooperativa de Educação, Cooperação e Desenvolvimento. Hij heeft een diploma Sociaal Onderwijs van de Universidade do Algarve in Faro, Portugal.

 

De jonge Moldavische Mădălina-Mihaela Antoci was dit jaar een van de vertegenwoordigers van de kandidaat-lidstaten van de EU tijdens het jaarlijkse EESC-jongerenevenement Jouw Europa, jouw mening (YEYS). Ze nam ook deel aan de Week van het maatschappelijk middenveld van het EESC, waar ze een inspirerende toespraak hield met als titel “Nog altijd in verscheidenheid verenigd”. De voorzitter van het Erasmus Student Network Moldavië en bestuurslid van de nationale jeugdraad van het land sprak met ons over het belang van de EU voor jonge Moldaviërs en over haar streven om jongeren aan te moedigen om in het buitenland te studeren en wereldburger te worden.

De jonge Moldavische Mădălina-Mihaela Antoci was dit jaar een van de vertegenwoordigers van de kandidaat-lidstaten van de EU tijdens het jaarlijkse EESC-jongerenevenement Jouw Europa, jouw mening (YEYS). Ze nam ook deel aan de Week van het maatschappelijk middenveld van het EESC, waar ze een inspirerende toespraak hield met als titel “Nog altijd in verscheidenheid verenigd”. De voorzitter van het Erasmus Student Network Moldavië en bestuurslid van de nationale jeugdraad van het land sprak met ons over het belang van de EU voor jonge Moldaviërs en over haar streven om jongeren aan te moedigen om in het buitenland te studeren en wereldburger te worden.

1. Betrekt de nationale jeugdraad van Moldavië jongeren bij discussies over integratie in de EU? Hoe kijken jonge Moldaviërs naar de EU?

Zeker! De Moldavische nationale jeugdraad zorgt ervoor dat de stem van jongeren wordt gehoord in het EU-integratieproces van Moldavië door middel van raadplegingen, campagnes en een rechtstreekse dialoog met beleidsmakers. Voor veel jonge Moldaviërs staat de EU synoniem met vooruitgang, nieuwe horizonten en een toekomst waarin hun talenten worden erkend en gewaardeerd. Toch zijn er nog veel lacunes in de kennis over de EU en dat is precies waar wij om de hoek komen kijken: we zetten nieuwsgierigheid om in actieve deelname.

We organiseren forums, debatten en workshops over EU-integratie, EU-beleid en jongerenrechten.
We pleiten ervoor om jongeren bij nationale besluitvormingsprocessen te betrekken.
We zetten campagnes op om jonge Moldaviërs te informeren over de voordelen van het EU-lidmaatschap.

2. Kun je kort vertellen wat jouw werk voor het Erasmus Student Network (ESN) in Moldavië precies inhoudt?

Mijn rol als voorzitter van ESN Moldavië bestaat erin om jonge mensen kansen in het buitenland te bieden die hun leven kunnen veranderen. Ons team zet zich in voor het bevorderen van mobiliteit, het creëren van een gastvrije omgeving voor uitwisselingsstudenten en het stimuleren van internationaal onderwijs. Een van mijn belangrijkste initiatieven is Erasmus in Schools, waar we middelbare scholieren aanmoedigen om hun horizon te verbreden en mondiaal te denken.

3. Hoeveel Moldavische studenten hebben tot nu toe deelgenomen aan het academisch programma van Erasmus+, in totaal of jaarlijks?

Moldavië ontvangt momenteel geen Erasmus+-studenten, maar onze jongeren worden wel opgemerkt in het buitenland! Dankzij het Erasmus+-programma studeren elk jaar tussen de 500 en 700 Moldavische studenten aan vooraanstaande Europese universiteiten of lopen ze stage bij belangrijke Europese instellingen. Sinds de start van het programma hebben duizenden jongeren ervaring opgedaan in het buitenland en zijn ze teruggekeerd naar Moldavië met in hun bagage innovatie, leiderschap en een nieuwe kijk op dingen. Via Erasmus in Schools wil ik dat nog meer jonge Moldaviërs mobiel worden en inzien dat de wereld aan hun voeten ligt.

4. Wat is volgens jou de waarde van zulke academische uitwisselingsprogramma’s voor jongeren in een kandidaat-lidstaat als Moldavië?

Erasmus+ is meer dan een studieprogramma. Het is een springplank voor de toekomst van Moldavië. Jongeren krijgen er een opleiding, maar ze leren er ook om zich aan te passen, weerbaar te worden en door een Europese bril naar de wereld te kijken. In een kandidaat-lidstaat als Moldavië is het cruciaal om een generatie te vormen die voorbij de grenzen kijkt, die innoveert, samenwerkt en klaar is om Moldavië naar een Europese toekomst te leiden.

5. Wat waren jouw verwachtingen voor “Jouw Europa, jouw mening” en de Week van het maatschappelijk middenveld?

Ik verwachtte stimulerende discussies, gedurfde ideeën en concrete toezeggingen om jongeren bij de beleidsvorming te betrekken. Evenementen als deze hebben een grote impact: het zijn platforms waar jonge aanjagers van verandering de status quo ter discussie stellen en resoluut oproepen tot een sterker en meer inclusief Europa. Voor Moldavië betekent dit dat we een nieuwe stap zetten om de afstand tussen de realiteit thuis en onze Europese aspiraties te verkleinen. Zo laten we zien dat wij jonge Moldaviërs niet stilstaan en wachten op de toekomst, maar dat we onze eigen toekomst vormgeven.

Mădălina Mihaela Antoci is een 21-jarige jongerenleider met een passie voor onderwijs, burgerparticipatie en empowerment van jongeren. Ze is momenteel voorzitter van het Erasmus Student Network van Moldavië en bestuurslid van de nationale jeugdraad van dit land.

Als onvermoeibare voorstander van het academisch programma van Erasmus+ heeft ze opmerkelijke successen geboekt bij het aanmoedigen van jonge mensen om de internationale mogelijkheden te verkennen en tegelijkertijd de waarde van onderwijs in eigen land te benadrukken. Ze heeft honderden studenten geïnspireerd om de weg van academische mobiliteit in te slaan en een actieve rol te spelen in hun lokale gemeenschap.

Door Kristýna Bulvasová

In de huidige onzekere wereld waarin oude overtuigingen afbrokkelen en voorheen gedeelde waarden ons niet langer verenigen maar verdelen, moeten jongeren de kans krijgen zich op een zinvolle manier in te zetten om de vele dringende problemen aan te pakken die zich maar blijven opstapelen. De discussies tijdens YEYS 2025 lieten duidelijk zien dat er niet één typisch “jongerenthema” is en dat jongeren zich terecht zorgen maken over veel verschillende problemen – variërend van het bestrijden van corruptie en het bevorderen van gelijkheid tot het aanpakken van klimaatverandering, zo schrijft de Tsjechische student en YEYS-deelnemer Kristýna Bulvasová.

Door Kristýna Bulvasová

In de huidige onzekere wereld waarin oude overtuigingen afbrokkelen en voorheen gedeelde waarden ons niet langer verenigen maar verdelen, moeten jongeren de kans krijgen zich op een zinvolle manier in te zetten om de vele dringende problemen aan te pakken die zich maar blijven opstapelen. De discussies tijdens YEYS 2025 lieten duidelijk zien dat er niet één typisch “jongerenthema” is en dat jongeren zich terecht zorgen maken over veel verschillende problemen – variërend van het bestrijden van corruptie en het bevorderen van gelijkheid tot het aanpakken van klimaatverandering, zo schrijft de Tsjechische student en YEYS-deelnemer Kristýna Bulvasová.

Hoe vaak heb ik als jonge Gen Z-persoon niet horen zeggen “jouw generatie staat voor ongekende problemen” of “jullie moeten leiderschap tonen om de huidige uitdagingen te helpen oplossen”.  Er staat veel op het spel en we staan voor grote uitdagingen: een ongekende democratische terugval, de polarisatie van onze samenlevingen over zaken die voorheen “gedeelde waarden” waren, de destabilisatie van aloude overtuigingen en systemen, en een toenemende onzekerheid.

Er worden niet alleen hoge verwachtingen gesteld aan jongeren, maar ook aan maatschappelijke organisaties, die met heel weinig middelen een cruciale rol spelen in het begeleiden van de waarden van jongeren, en aan onderwijssystemen Formeel onderwijs moet jongeren kunnen uitrusten met de vaardigheden en instrumenten die ze nodig hebben om de probleemoplossers en leiders van vandaag en morgen te worden. Ik ben bang dat veel onderwijssystemen te star zijn om de 21e eeuw aan te kunnen. Scholen bieden geen onderwijs over klimaatverandering of over brede gezondheidskwesties – of het nu gaat om geestelijke of reproductieve gezondheid. Ze beschikken ook niet over state-of-the-art technologie en zijn slecht toegankelijk voor kwetsbare groepen.

Zelfs de vraag wie als kwetsbaar wordt beschouwd, is gepolitiseerd – of erger nog, geïnstrumentaliseerd – waardoor de druk op degenen die het zich het minst kunnen veroorloven en die niet achter mogen blijven, nog verder toeneemt.

Onze samenlevingen zijn het niet langer eens over wat kwetsbaarheid betekent of hoe het te herkennen: ik heb dit aan den lijve ondervonden toen ik een workshop gaf op een school in de buurt van de Tsjechisch-Slowaakse grens, waar ik sprak over de loonkloof tussen mannen en vrouwen en andere ongelijkheden tussen mannen en vrouwen. De leerlingen en leerkrachten reageerden vol ongeloof en ontkenden gewoon dat er in onze samenleving ongelijkheden bestaan. Dit doet me geloven dat we meer moeten discussiëren en capaciteit moeten opbouwen op het gebied van kwetsbaarheden en ongelijkheid, ongeacht de leeftijdsgroep.

Gelijke toegang tot onderwijs en kansen voor jongeren – inclusief kansarme vrouwen en meisjes, mensen met een handicap en jongeren met een migratieachtergrond – blijft een wensdroom. Als het ons gezamenlijke doel is om jongeren een sterke basis te bieden om hun potentieel en dromen waar te maken, moeten we nu actie ondernemen. Het is niet eenvoudig om een oplossing voor te stellen, maar het versterken van de banden van de EU-lidstaten met maatschappelijke organisaties – vooral die in het informele onderwijs – zou kunnen helpen om kloven te dichten nadat is vastgesteld welke gebieden het meest kwetsbaar zijn. De bijscholing van leerkrachten en alle jeugdwerkers die helpen om gemeenschappen op te bouwen zou vervolgens een kader kunnen bieden voor gerichte en systematische oplossingen.

Het maatschappelijk middenveld heeft de rol op zich genomen om actieve burgerparticipatie aan te moedigen, maar de betrokkenheid van jongeren bij de besluitvorming en het democratisch bestuur blijft laag. Er gaapt een duidelijke kloof tussen de aspiraties van jongeren en de ruimtes en mogelijkheden om ze te verwezenlijken. Verkiezingen alleen leveren niet de gewenste resultaten op, want in sommige landen blijft het bestrijden van politieke culturen en desinformatie een uitdaging. Niet gaan stemmen betekent echter niet dat je geen mening hebt of dat er geen problemen zijn die je zou willen aanpakken. Om actief burgerschap aan te moedigen, moeten jongeren niet alleen positieve ervaringen opdoen met democratische actie, maar moeten er ook tastbare resultaten zijn en mag er niet louter aan "youthwashing", symbolische acties of cherrypicking worden gedaan. Ik heb nog steeds de hoop dat de EU-lidstaten hiervoor ruimtes kunnen creëren en misschien een punt kunnen bereiken waarop jongeren niet meer hoeven te wachten totdat ze de kans krijgen om zich op een zinvolle manier in te zetten en mee te creëren. Maar dit mag niet pas gebeuren over drie, vijf of tien jaar. Er moet nu iets veranderen, om te voorkomen dat de maatschappelijke kloof nog groter wordt.

Tijdens YEYS 2025 had ik het genoegen om deel te nemen aan het opstellen van een aanbeveling over het thema klimaatverandering, omdat ik persoonlijk geloof dat de drievoudige planetaire crisis een van de grootste uitdagingen voor de mensheid is. De ontwikkeling van een coherente klimaatveranderingsstrategie voor de EU was een van de vijf YEYS-aanbevelingen, naast corruptiebestrijding door transparantie en jongerenparticipatie, actief burgerschap, gelijkheid en het idee dat “jongeren moeten kunnen meepraten”. Aangezien het op de lijst van meest gedeelde aanbevelingen staat, is het duidelijk dat jonge YEYS-ers dit als een cruciale uitdaging zien die moet worden aangepakt. Dit weerspiegelt echter de kijk van een reeds behoorlijk mondige groep jongeren en kan niet als representatief voor alle EU-lidstaten worden beschouwd. Sommigen dachten misschien dat deze specifieke aanbeveling het belangrijkst zou zijn voor de deelnemers van YEYS 2025, maar toch kwam ze bij de eindstemming als laatste uit de bus. Laat dit ons eraan herinneren dat er niet één onderwerp is dat bij uitstek een “jongerenthema” kan worden genoemd. Jongeren zijn terecht bezorgd over alle actuele kwesties, en de jongerenagenda is van nature breed en intersectioneel.

Sommige jongeren erkennen het belang van milieubescherming en duurzaamheid, terwijl andere het zich niet kunnen veroorloven hier prioriteit aan te geven omdat ze al moeite hebben om in hun basisbehoeften te voorzien. Ik heb de drievoudige planetaire crisis een van de grootste uitdagingen voor de mensheid genoemd, maar als we bedenken dat alle grote problemen tegelijk moeten worden aangepakt om doeltreffend te zijn, verandert het plaatje. De huidige geopolitieke context en het streven van de EU naar mondiale concurrentiekracht leiden de aandacht af en vertragen de transitieprocessen. Maar uiteindelijk hebben noch wij, noch toekomstige generaties een planeet B waarop we deze problemen kunnen oplossen, en we kunnen het ons niet langer veroorloven om de planetaire grenzen te overschrijden.

Om terug te komen op de hoge inzet: jongeren in al hun diversiteit moeten nog steeds het “jong zijn” kunnen omarmen met alle privileges, uitdagingen en mooie dingen die daarbij horen. Een recent VN-rapport toont echter aan dat de levensvreugde en het geluksgevoel onder jongvolwassenen de afgelopen tien jaar duidelijk is afgenomen. Zelfs met de ernstige uitdagingen waarmee we worden geconfronteerd, ben ik ervan overtuigd dat als we jongeren kunnen inspireren door de tastbare resultaten van hun acties te laten zien, we een goede kans maken om dringende problemen aan te pakken en de kwaliteit van leven voor iedereen te verbeteren.

Kristýna Bulvasová is lid van het Europees jongerennetwerk voor duurzame ontwikkeling. Ze was jongerenafgevaardigde bij het Congres van Lokale en Regionale Overheden van de Raad van Europa en Tsjechisch jongerenafgevaardigde bij de VN. Als voormalig woordvoerder van het Tsjechisch-Duitse Jeugdforum is ze nog steeds actief betrokken bij het versterken van de Tsjechisch-Duitse samenwerking. Kristýna is een jongerenactiviste die zich richt op toekomstgericht onderwijs en duurzaamheid. Momenteel leidt ze de Tsjechische ngo MOB - Young Citizens terwijl ze haar studies aan de Karelsuniversiteit in Praag en de Universiteit van Regensburg afrondt. Kristýna nam niet alleen actief deel aan YEYS, maar sprak ook op de EESC-week van het maatschappelijk middenveld tijdens de sessie over Prognoses voor inclusieve rechtvaardige transitie en groene/blauwe groei.

Jouw Europa, jouw mening! — Het YEYS-evenement heeft dit jaar zo’n 90 leerlingen uit de EU, kandidaat-lidstaten en het Verenigd Koninkrijk bijeengebracht. Valeriia Makarenko kwam helemaal uit het door oorlog verscheurde Charkiv in Oekraïne om haar land te vertegenwoordigen op het evenement. Ze vertelde ons waarom deelname aan YEYS heel belangrijk is voor jonge Oekraïners en sprak de hoop uit dat haar generatie, die door de oorlog weerbaar is geworden en tot een eenheid is gesmeed, Oekraïne naar een zonnigere toekomst zal leiden. 

Jouw Europa, jouw mening! — Het YEYS-evenement heeft dit jaar zo’n 90 leerlingen uit de EU, kandidaat-lidstaten en het Verenigd Koninkrijk bijeengebracht. Valeriia Makarenko kwam helemaal uit het door oorlog verscheurde Charkiv in Oekraïne om haar land te vertegenwoordigen. Ze vertelde ons waarom deelname aan YEYS heel belangrijk is voor jonge Oekraïners en sprak de hoop uit dat haar generatie, die door de oorlog weerbaar is geworden en tot een eenheid is gesmeed, Oekraïne naar een zonnigere toekomst zal leiden.

1) Waarom is het volgens jou belangrijk dat jongeren EU-evenementen zoals “Jouw Europa, jouw mening” bijwonen?

Ik ben van mening dat het bijwonen van EU-evenementen zoals “Jouw Europa, jouw mening” van cruciaal belang is voor jongeren, omdat het hun een platform biedt om hun mening te geven, deel te nemen aan zinvolle discussies en actief vorm te geven aan de toekomst van Europa. Deze evenementen bieden mogelijkheden van werkelijk onschatbare waarde om over besluitvormingsprocessen te leren, leiderschapsvaardigheden te ontwikkelen en in contact te komen met andere jongeren uit verschillende landen. Voor jonge Oekraïners is deelname zelfs nog belangrijker omdat het ons in staat stelt onze authentieke ervaringen te delen, de integratie van Oekraïne in Europa te bepleiten en solidariteit onder Europese jongeren te bevorderen.

2) Welke invloed heeft de oorlog volgens jou gehad op jongeren in Oekraïne?
Het lijdt geen twijfel dat de grootschalige oorlog, met alle gevolgen ervan qua opleiding, geestelijke gezondheid en het algemene gevoel van veiligheid, het leven van jongeren in Oekraïne ingrijpend heeft veranderd. Veel jongeren zagen zich genoodzaakt om te verhuizen of online te gaan studeren, vaak onder wisselende omstandigheden. De oorlog heeft hen echter ook weerbaar gemaakt; jonge Oekraïners zijn niet alleen symbool komen te staan voor macht en kracht, maar zijn zich ook meer gaan inzetten als vrijwilliger, als activist en ten behoeve van wederopbouw, bij bijvoorbeeld stedenbouwkundige projecten. Ondanks alle moeilijkheden blijven we vastbesloten om onze identiteit te beschermen en bij te dragen aan de toekomst van ons land.

3) Hoe hoop je dat de toekomst van jongeren in Oekraïne eruitziet?
De toekomst is voor bijna elke Oekraïense tiener zeker een ingewikkelde kwestie. Mijn gemeenschap en ik hopen dat alle jongeren in Oekraïne toegang zullen hebben tot goed onderwijs, mogelijkheden tot professionele groei en een zekere toekomst binnen een sterk, onafhankelijk Oekraïne. Ik hoop ook dat de internationale gemeenschap Oekraïne blijft steunen bij de wederopbouw, zodat jonge mensen niet slechts overleven, maar ook tot bloei kunnen komen. De kracht van Oekraïense jongeren is onmiskenbaar, en het is dan ook inspirerend om te zien dat steeds meer jongeren deelnemen aan verschillende projecten op het gebied van onder meer onderwijs, wetenschap en herstel van de infrastructuur. Als belangrijkste hoop ik dat onze generatie, die wordt gekenmerkt door veerkracht en eenheid, Oekraïne naar een betere, meer innovatieve en democratische toekomst zal leiden.

4) Wil je tot slot nog iets zeggen over het evenement?  

Ik raakte echt geïnspireerd. Alleen al doordat ik kon praten, luisteren en analyseren wat andere deelnemers zeiden, was het gevoel van empowerment voor mij onmiskenbaar; door ons eenvoudigweg te verenigen kunnen we laten zien waartoe we echt in staat zijn. Zo hielpen sommige projecten die we hebben gedaan, ons echt om andere landen beter te begrijpen. Ik ben heel veel te weten gekomen over verschillende landen. Ik was geweldig, ik ben trots dat ik erbij was. 

Valeriia Makarenko is een 16-jarige leerling uit Charkiv, Oekraïne. Ze zit in de 10e klas van het Charkiv Lyceum #99.

Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) heeft belangrijke aanbevelingen gedaan voor het najaarspakket van het Europees Semester 2025 en dringt aan op strategische investeringen en nauwere samenwerking om de veerkracht en het concurrentievermogen van de EU te vergroten. 

Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) heeft belangrijke aanbevelingen gedaan voor het najaarspakket van het Europees Semester 2025 en dringt aan op strategische investeringen en nauwere samenwerking om de veerkracht en het concurrentievermogen van de EU te vergroten.

Het EESC heeft zijn aanbevelingen geformuleerd in een advies dat het tijdens zijn zitting van februari heeft goedgekeurd. Het legt daarin de nadruk op duurzaamheid, arbeidsmarkthervormingen en een betere afstemming tussen nationaal beleid en EU-beleid, en pleit tegelijkertijd voor een grotere betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld.

Het EESC betreurt het dat de jaarlijkse duurzamegroeianalyse – een cruciaal beleidsdocument – dit jaar niet is gepubliceerd. Het benadrukt dat de EU-instellingen zich moeten voorbereiden op geopolitieke risico’s die van invloed zijn op handel, inflatie en groei.

Het EESC steunt het initiatief om een kompas voor het concurrentievermogen te lanceren en roept op tot investeringen in de energie- en digitale sector, onder meer via een nog op te richten Europees Fonds voor strategische investeringen. Daarnaast pleit het voor een sterkere participatie van het maatschappelijk middenveld, een pragmatische beoordeling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit (RRF) en meer samenwerking tussen de lidstaten om het economisch beleid en de productiviteit te verbeteren. (tk)

Copyright: NATO

Met het oog op de toenemende veiligheidsdreigingen heeft Europa dringend behoefte aan een uniforme strategie voor defensiefinanciering. Op verzoek van het Poolse EU-voorzitterschap heeft het EESC een advies goedgekeurd waarin het oproept tot doortastende maatregelen: meer investeringen in moderne systemen, intensievere NAVO-samenwerking en meer financiering binnen het financieel kader van de EU.

Met het oog op de toenemende veiligheidsdreigingen heeft Europa dringend behoefte aan een uniforme strategie voor defensiefinanciering. Op verzoek van het Poolse EU-voorzitterschap heeft het EESC een advies goedgekeurd waarin het oproept tot doortastende maatregelen: meer investeringen in moderne systemen, intensievere NAVO-samenwerking en meer financiering binnen het financieel kader van de EU.

De risico’s voor de veiligheid van Europa nemen alsmaar toe en brengen de afhankelijkheid van externe defensieleveranciers aan het licht: 78 % van de 75 miljard EUR die de EU-landen in een jaar tijd hebben uitgegeven aan defensieopdrachten, ging naar leveranciers van buiten de EU. Het versterken van de Europese technologische en industriële defensiebasis (EDTIB) is van cruciaal belang om deze afhankelijkheid te verminderen.

Marcin Nowacki, rapporteur van het EESC-advies over Defensiefinanciering in de EU, licht toe: "De financieringsmechanismen van de EU op defensiegebied moeten worden herzien om de uitdagingen van deze tijd het hoofd te kunnen bieden. De bestaande begrotingsregels beperken de militaire uitgaven, en hoewel initiatieven zoals het Europees Defensiefonds (EDF) en de Europese Vredesfaciliteit (EPF) een stap vooruit betekenen, blijven ze ontoereikend om de huidige bedreigingen in volle omvang aan te pakken.

Samenwerking binnen de NAVO is essentieel voor interoperabiliteit en een uniforme strategie. Gezamenlijke aanbestedingen, cyber- en ruimtebeveiligingspartnerschappen en het IRIS2-satellietproject zullen de veerkracht vergroten. De defensiefinanciering moet in overeenstemming zijn met de bredere EU-prioriteiten en mag de sociale en milieudoelstellingen niet in gevaar brengen. Strategische investeringen, innovatie en langetermijnplanning zijn essentieel om de veiligheid en autonomie van Europa te waarborgen. (tk)

Het cohesiebeleid is van oudsher een pijler van de Europese integratie en bevordert de economische, sociale en geografische eenheid in de hele EU. Nu het meerjarig financieel kader (MFK) voor de periode na 2027 vorm krijgt, is het van essentieel belang het cohesiebeleid te moderniseren om de efficiëntie, duurzaamheid en het reactievermogen op nieuwe uitdagingen te vergroten.

Het cohesiebeleid is van oudsher een pijler van de Europese integratie en bevordert de economische, sociale en geografische eenheid in de hele EU. Nu het meerjarig financieel kader (MFK) voor de periode na 2027 vorm krijgt, is het van essentieel belang het cohesiebeleid te moderniseren om de efficiëntie, duurzaamheid en het reactievermogen op nieuwe uitdagingen te vergroten.

In zijn onlangs goedgekeurde advies Versterking van de resultaatgerichtheid van het cohesiebeleid na 2027 – uitdagingen, risico’s en kansen benadrukt het EESC de noodzaak van een resultaatgerichte aanpak om ervoor te zorgen dat het cohesiebeleid tastbare voordelen blijft opleveren en tegelijkertijd ongelijkheden vermindert en een duurzaam concurrentievermogen bevordert.

"Het cohesiebeleid moet het belangrijkste EU-instrument voor regionale ontwikkeling blijven. Bij een resultaatgerichte aanpak gaat het erom dat elke euro die wordt uitgegeven bijdraagt tot economisch en sociaal welzijn", aldus de rapporteur voor het advies, David Sventek.

Het MFK 2028+ moet grondig worden herzien om de regionale ontwikkeling, de groene en de digitale transitie en het economische concurrentievermogen te ondersteunen. Met een investeringsbehoefte van meer dan 750-800 miljard EUR per jaar is een sterke EU-financiering essentieel.

Het EESC zou graag zien dat de begrotingscapaciteit op 1,8 % van het bbp van de EU wordt gehandhaafd en dat de middelen voor het cohesiebeleid worden verhoogd. Tot de belangrijkste prioriteiten behoren gedeelde governance, regionaal beleid op maat, resultaatgerichte financiering en vereenvoudigde processen.

Een resultaatgerichte aanpak verhoogt de efficiëntie, maar vereist een betere uitvoering en monitoring. Door concurrentievermogen en sociale investeringen met elkaar in evenwicht te brengen, de technische ondersteuning te versterken en te zorgen voor transparantie zal het cohesiebeleid meer effect sorteren, de economische veerkracht bevorderen en de ongelijkheden in Europa verkleinen. (tk)