Europa moet de verspreiding van haatdragende uitlatingen en haatmisdrijven krachtig bestrijden

Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) steunt het initiatief van de Europese Commissie om de lijst van EU-misdrijven uit te breiden tot alle vormen van haatmisdrijven en haatzaaiende uitlatingen en verzoekt de Raad om zich achter dit voorstel te scharen. Dat is de strekking van een advies dat het EESC tijdens zijn plenaire vergadering in mei heeft uitgebracht.

Maatschappelijke organisaties ervaren de toename van haatdragende taal en haatcriminaliteit uit de eerste hand: als ze zelf geen doelwit zijn, dan zijn ze er wel getuige van wanneer ze slachtoffers bijstaan. Het EESC is er zich dan ook als geen ander van bewust dat de menselijke waardigheid, grondrechten en gelijkheid moeten worden beschermd. “Als mensen in angst en schaamte leven, is dat in strijd met de democratie en met alles waar de EU voor staat”, zo stelt rapporteur Cristian Pîrvulescu.
Door de opkomst van sociale media en dankzij de vrijheid van verkeer is de publieke ruimte in de EU steeds meer één geworden. Een gemeenschappelijke basis is inmiddels dan ook onmisbaar om uitingen van haat doeltreffend te kunnen bestrijden. Om de impact van dit alles te kunnen beoordelen en haatuitlatingen in de kiem te smoren, zijn ook bewustmaking en educatie nodig. Het EESC adviseert om speciale aandacht te besteden aan mensen die vooraan staan in de strijd tegen haatdragende taal en haatmisdrijven, zoals leraren, journalisten en rechtshandhavers. Ook dringt het er bij alle politieke leiders op aan om verantwoordelijk te handelen.

Voorts wijst het EESC op de cruciale rol die sociale partners in het veld spelen bij het voorkomen en bestrijden van haatmisdrijven. “Maatschappelijke organisaties zijn onze waakhonden tegen haat”, aldus corapporteur Milena Angelova. De EU moet hun gedragscodes en goede praktijken promoten en meer geld ter beschikking stellen om hun expertise optimaal te benutten. (gb)