Beste lezers,

In dit nummer wil ik uw aandacht vestigen op de Week van het maatschappelijk middenveld, het vlaggenschipevenement dat begin maart door het EESC werd georganiseerd.

Beste lezers,

In dit nummer wil ik uw aandacht vestigen op de Week van het maatschappelijk middenveld, het vlaggenschipevenement dat begin maart door het EESC werd georganiseerd.

Met minder dan 100 dagen te gaan tot de Europese verkiezingen bood de Week van het maatschappelijk middenveld het EESC een unieke kans om mensen uit alle geledingen van de samenleving bijeen te brengen om te discussiëren over wat voor hen belangrijk is en over de Europese toekomst die zij willen. Meer dan 800 vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en jongerengroepen hebben de hele week gebrainstormd om hun belangrijkste boodschappen voor en verwachtingen ten aanzien van de volgende EU-leiders uiteen te zetten. De boodschap die daaruit naar voren kwam, en die ik hier graag benadruk, is helder: mensen willen meer democratie en jongerenparticipatie, minder nepnieuws en een economie die ten dienste staat van iedereen. Europa kan het zich niet veroorloven om de stem van het maatschappelijk middenveld, de ware hoeder van onze democratieën, te negeren.

De inzichten die tijdens de Week van het maatschappelijk middenveld zijn opgedaan, zullen worden meegenomen in een resolutie van het EESC over de Europese verkiezingen. Meer informatie over de eerste conclusies van de Week van het maatschappelijk middenveld is te vinden op de website van het EESC.

Onze voorbereiding op de verkiezingen houdt ook in dat de betrekkingen met het Europees Parlement worden versterkt. Op 27 februari heb ik een memorandum van overeenstemming ondertekend met de voorzitter van het Europees Parlement, Roberta Metsola, gericht op intensievere samenwerking tussen de twee instellingen teneinde de Europese verkiezingen te promoten, voor een hogere opkomst te zorgen – met name onder degenen die gewoonlijk niet of dit keer voor het eerst gaan stemmen – en manipulatie van informatie tegen te gaan. Het EESC zal hiervoor nadrukkelijk zijn uitgebreide netwerk aanspreken, dat werkgevers, werknemers en maatschappelijke organisaties uit de hele EU bestrijkt, zodat zij hun rol ten volle kunnen spelen. De overeenkomst is een cruciale stap in de aanloop naar de Europese verkiezingen van 2024.

Bij het EESC streven we ernaar om de stem van maatschappelijke organisaties luider te laten klinken, niet alleen in de Europese Unie zelf maar ook daarbuiten. In februari werd het officiële startschot gegeven voor ons initiatief betreffende leden uit kandidaat-lidstaten (enlargement candidate members, ECM’s), een keerpunt in de geschiedenis van het Comité. Het initiatief om vertegenwoordigers van kandidaat-lidstaten bij de werkzaamheden van het EESC te betrekken werd zeer positief onthaald door Věra Jourová, vicevoorzitter van de Europese Commissie, Milojko Spajić, premier van Montenegro, en Edi Rama, premier van Albanië, die de lancering ervan tijdens de zitting bijwoonden. In totaal werd een pool samengesteld van 131 ECM’s, deskundigen uit het maatschappelijk middenveld van de desbetreffende kandidaat-lidstaten. De komende maanden zullen zij aan de werkzaamheden van het Comité deelnemen. Ons gemeenschappelijke doel is alle kandidaat-lidstaten geleidelijk dichter bij de EU te brengen en steeds nauwer in de Unie te integreren naarmate de onderhandelingen vorderen.

Een dynamisch maatschappelijk middenveld en een sterke sociale dialoog zijn onontbeerlijk voor goed functionerende democratieën. Het verwelkomen van kandidaat-lidstaten is een positieve en logische stap voorwaarts voor de democratie in Europa.

Oliver Röpke

Voorzitter van het EESC

In onze rubriek “Een vraag voor ...” bespreekt Florian Marin, EESC-lid en rapporteur van het EESC-advies over “EU-bossen – Een nieuw EU-kader voor bosmonitoring en strategische plannen voor bossen”, de wensenlijst van het EESC in verband met dit kader, gezien het belang van bossen voor de verwezenlijking van de klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen van de EU.

In onze rubriek “Een vraag voor ... “ bespreekt Florian Marin, EESC-lid en rapporteur van het EESC-advies “EU-bossen – Een nieuw EU-kader voor bosmonitoring en strategische plannen voor bossen”, de wensenlijst van het EESC in verband met dit kader, gezien het belang van bossen voor de verwezenlijking van de klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen van de EU.

Onze gastschrijver, Christian Moos, is EESC-lid en rapporteur van het advies over het pakket voor de verdediging van de democratie. Hij somt voor ons de redenen op waarom het EESC het voorstel van de Commissie over het pakket niet steunt, dat nogal wat stof deed opwaaien toen het afgelopen december eindelijk werd gepubliceerd.

Onze gastschrijver, Christian Moos, is EESC-lid en rapporteur van het advies over het pakket voor de verdediging van de democratie. Hij somt voor ons de redenen op waarom het EESC het voorstel van de Commissie over het pakket niet steunt, dat nogal wat stof deed opwaaien toen het afgelopen december eindelijk werd gepubliceerd.

Door Konstantina Manoli

Het lijdt geen twijfel dat het uitoefenen van het stemrecht een krachtig instrument is om meningen te uiten en het beleid te beïnvloeden. Tijdens verkiezingen laten we allemaal onze stem horen, en kiezen we voor diegenen die we het geschiktst achten om ons, onze overtuigingen en ons waardensysteem te vertegenwoordigen. Toch hebben de meeste mensen de neiging om de kracht van het uitoefenen van het stemrecht te onderschatten, en dit geldt zeker ook voor ons, jongeren.

Door Konstantina Manoli

Het lijdt geen twijfel dat het uitoefenen van het stemrecht een krachtig instrument is om meningen te uiten en het beleid te beïnvloeden. Tijdens verkiezingen laten we allemaal onze stem horen, en kiezen we voor diegenen die we het geschiktst achten om ons, onze overtuigingen en ons waardensysteem te vertegenwoordigen. Toch hebben de meeste mensen de neiging om de kracht van het uitoefenen van het stemrecht te onderschatten, en dit geldt zeker ook voor ons, jongeren.

Wij geven vol overtuiging uiting aan onze wens om de wereld te veranderen en een betere toekomst te creëren voor ons allen en voor de komende generaties. Maar als we er op een bepaald punt van overtuigd raken dat onze meningen, waarden en idealen er niet toe doen of dat het niet in onze macht ligt om iets te veranderen, dan slaat de gelatenheid toe.

Als jonge vrouw uit Griekenland weet ik precies hoe dat voelt. Ik ken de frustratie dat onze stem niet wordt gehoord, dat onze rechten met voeten worden getreden en dat we ons machteloos voelen omdat we het gevoel hebben dat we niets kunnen doen. Soms gaan de dingen, ondanks onze beste inspanningen, niet zoals gepland. Juist op deze momenten, wanneer we het gevoel hebben dat onze inzet tevergeefs is geweest, vergeten we vaak een fundamentele waarheid: onze macht ligt in onze stem. Of zoals Barack Obama het verwoordde: “Elke stem telt!”

Helaas denk ik niet dat ik de enige ben die deze gevoelens van frustratie kent, of dat deze alleen te maken hebben met mijn Grieks-, jong- of vrouw-zijn. In feite voelen veel mensen zich zo, ongeacht hun leeftijd, etniciteit, gender, religie of persoonlijke situatie.

Door te stemmen laten wij onze collectieve stem horen en geven we de door ons gewenste toekomst mee vorm. Als we ons lot in eigen handen nemen, zorgen we ervoor dat onze dromen en waarden weerspiegeld worden in de beslissingen die de samenleving gestalte geven. We moeten handelen, want onze stem is de sleutel die de deur opent naar een toekomst waarin mondige jongeren gehoord worden.

De wijze woorden van John Lewis bieden ons een kompas: “Als wij het niet doen, wie dan wel? Als we het niet nú doen, wanneer dan wel?”

door Florian Marin

Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) wijst erop dat het nieuwe EU-kader voor bosmonitoring duurzaam, kosteneffectief en operationeel uitvoerbaar moet zijn. Daarnaast moet het kader ook tijdig, veilig en betrouwbaar, dynamisch, inclusief en participatief zijn om nauwe samenwerking tussen wetenschap en praktijk en een betere planning en empirisch onderbouwde beleidsvorming mogelijk te maken.

door Florian Marin

Het Europees Economisch en Sociaal Comité wijst erop dat het nieuwe EU-kader voor bosmonitoring duurzaam, kosteneffectief en operationeel uitvoerbaar moet zijn. Daarnaast moet het kader ook tijdig, veilig en betrouwbaar, dynamisch, inclusief en participatief zijn om nauwe samenwerking tussen wetenschap en praktijk en een betere planning en empirisch onderbouwde beleidsvorming mogelijk te maken.

Het is van cruciaal belang om te zorgen voor complementariteit en te voorkomen dat gegevens die al onder bestaande wetgeving vallen, zoals het klimaat- en luchtbeleid, biodiversiteitsverordeningen en het gemeenschappelijk landbouwbeleid, elkaar overlappen.

Op het gebied van klimaatverandering is er naast gegevens over plattelandsontwikkeling, circulaire economie en wetenschap behoefte aan langetermijngegevens. Met name wanneer aanvullende gegevens worden verzameld moet de interoperabiliteit worden gewaarborgd en moet worden vastgehouden aan hetzelfde niveau van granulariteit, technologie en frequentie. Er dient voortdurend te worden gestreefd naar het verminderen van de administratieve lasten en het vermijden van buitensporige bureaucratische rompslomp, zoals het veelvuldig verzamelen en rapporteren van gegevens. Er moet evenveel belang worden gehecht aan economische als aan sociale en milieugegevens.

Het belang van het eerbiedigen van particuliere-eigendomsrechten en eigendom van gegevens, in het bijzonder in het kader van het subsidiariteitsbeginsel, kan niet genoeg worden benadrukt. In het kader van de infrastructuur voor bosgegevens moet het openbaar belang steeds voorrang krijgen.

Elke EU-lidstaat die profiteert van de voordelen die bossen opleveren zou moeten beschikken over een langetermijnbosplan dat een aanvulling vormt op andere bos- en houtstrategieën en volledig strookt met de SDG's. Rekening houdend met de multilaterale waarden van bossen, moeten sociale en economische aspecten alsook het partnerschapsbeginsel in de structuur van bosplannen worden geïntegreerd. Voorts moet het maatschappelijk middenveld worden betrokken bij het ontwikkelen en uitvoeren van de langetermijnbosplannen.

De rol van het Permanent Comité voor de bosbouw — waarvan ook relevante actoren uit het maatschappelijk middenveld deel moeten uitmaken — moet worden versterkt.

Door Christian MOOS

De zorgen over kwaadwillige invloed van vijandige staten zoals Rusland zijn volledig gerechtvaardigd. Er zijn tal van voorbeelden geweest van gunstige leningen voor extreemrechtse partijen, posities in raden van commissarissen voor uitgerangeerde politici, lucratieve contracten voor dubieuze ondernemers en de financiering van vermeende ngo’s.

Door Christian MOOS

De zorgen over kwaadwillige invloed van vijandige staten zoals Rusland zijn volledig gerechtvaardigd. Er zijn tal van voorbeelden geweest van gunstige leningen voor extreemrechtse partijen, posities in raden van commissarissen voor uitgerangeerde politici, lucratieve contracten voor dubieuze ondernemers en de financiering van vermeende ngo’s.

Daarom moeten we met het oog op de Europese verkiezingen zeer alert zijn. Het pakket voor de verdediging van de democratie bevat weliswaar een aantal goede aanbevelingen aan de lidstaten, maar komt veel te laat. Om te beginnen is de Commissie laat aan het pakket begonnen. Vervolgens, aan het begin van de zomer van 2023 heeft zij het met ruim een half jaar uitgesteld, omdat de kritiek op het wetgevingsvoorstel dat het pakket moest omvatten zeer fel en vooral unaniem was.

Het in december gepubliceerde pakket bevestigde echter de ergste vrees. De voorgestelde richtlijn zou ngo’s die middelen ontvangen van regeringen van niet-EU-landen, zoals de VS, stigmatiseren. Het voorstel op zich dient als rechtvaardiging voor autoritaire regeringen die wetten inzake buitenlandse agenten gebruiken om elke democratische oppositie het zwijgen op te leggen.

Daarnaast zijn de definities van de richtlijn vaag en zijn er enorme mazen voor de eigenlijke agenten van Moskou. Vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld vragen zich af waarom de Commissie geen algemeen transparantieregister opzet dat alle belangenvertegenwoordigers omvat en dat verenigbaar is met de bestaande wetgeving op nationaal niveau en een duidelijke en veilige rechtsgrond voor alle belanghebbenden creëert.

De Commissie moet deze ontwerprichtlijn intrekken en voor de opvolger ervan in 2025 een bredere benadering hanteren die de vijanden van de democratie niet in de kaart speelt.

Onze speciale gast is Bruno Kaufmann, ambassadeur van het Europees burgerinitiatief, een uniek instrument waarmee het voor EU-burgers mogelijk wordt om nieuwe EU-wetgeving voor te stellen. Hij legt uit waarom het EBI uitermate belangrijk is en waarom het, als het een succes wordt, wellicht ooit zal worden gezien als een van de opmerkelijkste democratische verwezenlijkingen sinds de doorbraak van het algemeen kiesrecht in de 20e eeuw.

Onze speciale gast is Bruno Kaufmann, ambassadeur van het Europees burgerinitiatief, een uniek instrument waarmee het voor EU-burgers mogelijk wordt om nieuwe EU-wetgeving voor te stellen. Hij legt uit waarom het EBI uitermate belangrijk is en waarom het, als het een succes wordt, wellicht ooit zal worden gezien als een van de opmerkelijkste democratische verwezenlijkingen sinds de doorbraak van het algemeen kiesrecht in de 20e eeuw.

Bruno Kaufmann is een Zweedse politiek wetenschapper en journalist die vele publicaties (vertaald in meer dan 40 talen) heeft geschreven over de moderne directe en representatieve democratie. Hij is correspondent “global democracy” bij SWI swissinfo.ch, de internationale dienst van de Zwitserse publieke omroep SRF, waar hij verslag uitbrengt over aangelegenheden in de landen van Noord-Europa. Bruno is medeoprichter en bestuurslid van organisaties die de democratie een warm hart toedragen, zoals het Initiative and Referendum Institute, Democracy International en het Global Forum on Modern Direct Democracy. Ook is hij directeur Internationale Samenwerking bij de Swiss Democracy Foundation.

Meer dan 100 jongeren uit de EU, de kandidaat-lidstaten en het VK zijn in Brussel bijeengekomen voor Jouw Europa, jouw mening! (YEYS), om hun visies en aanbevelingen voor de toekomst van de Europese Unie te delen. Nu de EU-verkiezingen steeds dichterbij komen, staat YEYS 2024 in het teken van het bestrijden van onverschilligheid en het bevorderen van de participatie van jongeren.

Meer dan 100 jongeren uit de EU, de kandidaat-lidstaten en het VK zijn in Brussel bijeengekomen voor Jouw Europa, jouw mening! (YEYS), om hun visies en aanbevelingen voor de toekomst van de Europese Unie te delen. Nu de EU-verkiezingen steeds dichterbij komen, staat YEYS 2024 in het teken van het bestrijden van onverschilligheid en het bevorderen van de participatie van jongeren.

Belangrijkste aanbevelingen:

  1. Invoering van een jongerenquotum voor de verkiezingen voor het Europees Parlement.
  2. Vaststelling van een richtlijn die mensenrechten en milieuoverwegingen verplicht stelt in toeleveringsketens en bedrijfsactiviteiten.
  3. Vaststelling van een rechtskader voor sociale media om polarisatie en desinformatie tegen te gaan.
  4. Ontwikkeling van een gestandaardiseerde strategie voor seksuele en reproductieve rechten.
  5. Invoering van een speciale belastingregeling voor goederen die schadelijk zijn voor het klimaat, waarbij de opbrengsten worden gebruikt om klimaatvriendelijke initiatieven te financieren.

Deze voorstellen zullen worden voorgelegd aan de EU-instellingen en beleidsmakers, en worden meegenomen in de resultaten van de week van het maatschappelijk middenveld en een resolutie van het EESC over de komende Europese verkiezingen.(gb)

Er is veel te klagen over de staat van de democratie in het algemeen en over het Europees burgerinitiatief (EBI) in het bijzonder.

Er is veel te klagen over de staat van de democratie in het algemeen en over het Europees burgerinitiatief (EBI) in het bijzonder.

Volgens het meest recente World Democracy Report, dat op 7 maart werd gepresenteerd door “Varieties of Democracy”, is het percentage mensen dat in een democratie woont gedaald tot het niveau van bijna 40 jaar geleden. Dit jaar mogen er wereldwijd meer mensen dan ooit hun stem uitbrengen bij verkiezingen, maar veel landen die verkiezingen organiseren worden autocratischer.

Klachten werden ook gehoord tijdens de allereerste Week van het maatschappelijk middenveld, die begin maart bij het Europees Economisch en Sociaal Comité is gehouden. Deze klachten betroffen het Europees burgerinitiatief, ‘s werelds eerste grensoverschrijdende instrument voor directe democratie. “Te ingewikkeld”, “te onaantrekkelijk”, “niet erg vertrouwenwekkend”,” “inefficiënt” en “weinig bekend” zijn slechts enkele van de allesbehalve vleiende kwalificaties die gegeven werden door betrokkenen uit het maatschappelijk middenveld, de media, de academische wereld en bestuurskringen.

Naar mijn mening zijn deze zeer kritische beoordelingen correct en ontmoedigend, maar ook te voorzichtig en gematigd. Het zou goed zijn als de democratie in de wereld domineert. Om dat te bereiken, zijn we als burgers en potentiële kiezers op deze planeet thans verplicht om de lat hoger te leggen dan nu het geval is. 

Dit betekent dat we ons er niet toe mogen beperken om een verdedigende houding aan te nemen tegen wat ons angst inboezemt, de hedendaagse dictators en hun laffe handlangers. We moeten veel grotere stappen vooruit zetten. De verdere ontwikkeling van het Europees burgerinitiatief zou een dergelijke stap zijn.

Want wat is het EBI nu? Drie dingen. Een recht, een instrument en een werktuig dat nooit eerder in de geschiedenis waar ook ter wereld heeft bestaan. Het is een complex digitaal en transnationaal instrument voor directe democratie dat breed is opgezet, een ondersteunende infrastructuur heeft en goed wordt gebruikt. 

Het EBI bestaat sinds 2012. In de loop der jaren waarin het is toegepast is het gaandeweg verbeterd. Dit toont aan dat de democratische ruimte zelfs onder de moeilijkste omstandigheden kan worden uitgebreid en geconsolideerd.

Als het EBI volgend jaar 13 kaarsjes uitblaast en de kinderschoenen is ontgroeid, zal het gepamperde kind hopelijk een eigenzinnige tiener worden die Europa en de wereld kan laten zien waartoe het in staat is. We hebben deze frisse, ongetemde kracht nodig om de roestige mentaliteit van de natiestaten en de bureaucratische structuren van de Europese Unie resoluut nieuw leven in te blazen. 

Laten we duidelijk zijn: democratische samenlevingsvormen hoeven niet steeds opnieuw op krampachtige wijze te worden uitgevonden, dikwijls onder het mom van “innovatie”. In plaats daarvan moeten we ervoor ijveren dat het EBI aan het eind van dit decennium tot wasdom komt, als het 16 of uiterlijk 18 jaar oud wordt.  

Wat betekent dit? Tegen 2028 of 2030 moeten twee belangrijke veranderingen worden doorgevoerd. Ten eerste moet het EBI dezelfde bevoegdheden als het Europees Parlement krijgen waar het gaat om het bepalen van de agenda. De Europese burgers zouden dus net als de leden van het Europees Parlement wetgeving en andere overheidsmaatregelen moeten kunnen voorstellen.

Ten tweede zouden de EU-burgers tegen het einde van dit decennium niet alleen het initiatief moeten kunnen nemen tot wetgeving, maar ook tot Europese volksstemmingen over inhoudelijke kwesties, vaak gewoon referenda genoemd. Het pan-Europese referendum is geen nieuw idee, maar dankzij de oprichting van het EBI en de ervaringen die ermee zijn opgedaan, is de tijd er nu wel rijp voor.

Lukt het om op basis van het EBI een dergelijke toekomst tot stand te brengen, dan zal het achteraf worden beschouwd als het instrument dat voor een van de opmerkelijkste democratische verwezenlijkingen heeft gezorgd sinds de invoering van het algemeen kiesrecht in de 20e eeuw.