door de groep Werknemers van het EESC

Defensie en sociale uitgaven moeten hand in hand gaan. Het verhogen van de defensie-uitgaven mag niet ten koste gaan van de welvaartsstaat. Een sterke welvaartsstaat blijft een belangrijk middel om te voorkomen dat extreemrechtse partijen autocratieën naar Russisch model in de EU oprichten.

door de groep Werknemers van het EESC

Defensie en sociale uitgaven moeten hand in hand gaan. Het verhogen van de defensie-uitgaven mag niet ten koste gaan van de welvaartsstaat. Een sterke welvaartsstaat blijft een belangrijk middel om te voorkomen dat extreemrechtse partijen autocratieën naar Russisch model in de EU oprichten.

Nu de oorlog in Oekraïne zijn vierde jaar ingaat, gaan er veel stemmen op om de defensie-uitgaven te verhogen, vooral na de politieke koerswijziging van de VS. De Europese landen kunnen niet langer rekenen op bescherming. Er zijn al veel taboes gesneuveld, niet alleen als het gaat om discussies over militaire kwesties op EU-niveau, maar ook als het gaat om hogere schulden.

Sommigen hebben het echter ook voorgesteld als een nulsomspel voor de welvaartsstaat, alsof de kracht van het Amerikaanse leger te wijten is aan het feit dat het land geen fatsoenlijk socialezekerheidsstelsel heeft, of alsof onze verzwakte legers het gevolg zijn van de kosten van onze pensioenen en sociale zekerheid.

Wij van de groep Werknemers willen twee zaken benadrukken:

  • Als het op defensie-uitgaven aankomt, is de EU als geheel de op één na grootste speler in de wereld. Hoewel in sommige gevallen gezamenlijke of extra uitgaven nodig kunnen zijn, is er echt behoefte aan coördinatie en gezamenlijke projecten om strategische autonomie te waarborgen. We moeten onszelf verdedigen en niet wereldwijd concurreren met de VS.
  • Een goed functionerende welvaartsstaat, naast maatregelen om armoede en ongelijkheid te bestrijden, is de beste manier om te voorkomen dat extreemrechts in veel lidstaten aan de macht komt. Deze extreemrechtse partijen, die in opmars zijn, hebben weinig op met democratie en staan openlijk vijandig tegenover de meeste van onze waarden. Ze willen de autocratie van het Kremlin in onze lidstaten nabootsen en als ze aan de macht komen, zullen ze een gecoördineerd defensiebeleid in de weg staan.

De lidstaten van de EU moeten inzien dat defensie en sociale investeringen elkaar versterken, waarbij het een het ander mogelijk maakt.

De EU staat op een cruciale tweesprong bij de ontwikkeling van AI. De markt voor generatieve AI wordt gedomineerd door Amerikaanse bedrijven, die 80 % van de wereldwijde private investeringen binnenhalen, en China is bezig aan een snelle opmars. Om in kaart te brengen wat Europa moet doen om concurrerend te blijven heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) in samenwerking met het Centrum voor Europese Beleidsstudies (CEPS) een nieuwe studie gepubliceerd.

De EU staat op een cruciale tweesprong bij de ontwikkeling van AI. De markt voor generatieve AI wordt gedomineerd door Amerikaanse bedrijven, die 80 % van de wereldwijde private investeringen binnenhalen, en China is bezig aan een snelle opmars. Om in kaart te brengen wat Europa moet doen om concurrerend te blijven heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) in samenwerking met het Centrum voor Europese Beleidsstudies (CEPS) een nieuwe studie gepubliceerd.

In de studie, die is opgesteld onder auspiciën van de afdeling Interne Markt, Productie en Consumptie (INT) van het EESC en regelmatig is besproken binnen de EESC-waarnemingspost Digitale Transitie en Eengemaakte Markt, wordt gekeken naar de belangrijkste kansen en uitdagingen en naar de beleidsmaatregelen die nodig zijn om het AI-landschap in Europa te verbeteren.

Belangrijkste aanbevelingen voor de EU:

  • Meer investeringen in AI en rekenkracht - Europa moet meer investeren in AI-infrastructuur om innovatie te stimuleren.
  • Focus op drie sectoren met veel potentie - AI kan de groei aandrijven in de auto-industrie, schone energie en het onderwijs.
  • Bevordering van opensource-AI - Door een impuls te geven aan opensourcemodellen zal AI toegankelijker worden en zal er meer concurrentie ontstaan.
  • Betere integratie van O&O-inspanningen in de hele EU.

Empowerment van het maatschappelijk middenveld bij de governance van AI
- In de studie wordt gewezen op het belang van maatschappelijke organisaties bij de vormgeving van het beleid en de governance op AI-gebied. Ter bevordering van de inclusiviteit en de invoering van ethische AI worden de volgende aanbevelingen gedaan in het rapport:

  • Programma’s ten behoeve van de geletterdheid op AI-gebied - Initiatieven op het gebied van scholing en sociale dialoog om werknemers en het publiek in brede zin mondiger te maken.
  • "Social by Design"-benadering - Ervoor zorgen dat de ontwikkeling van AI aansluit bij de behoeften van de samenleving en dat de mens centraal staat.
  • Meer financiering voor maatschappelijke organisaties - Ondersteuning van non-profitorganisaties die de kloof tussen AI-technologie en het inzicht in AI bij de bevolking overbruggen.
  • Ethische AI - Voorrang geven aan betrouwbare AI-systemen die aansluiten bij Europese waarden.

Het potentieel van het EESC op het gebied van AI-beleid benutten
- Het EESC bevindt zich in een goede positie om maatschappelijke organisaties op gestructureerde wijze bij het AI-beleid te betrekken. In de studie wordt aanbevolen om opensource-AI te promoten en ethische innovatie te bevorderen via openbare aanbestedingen en financieringsregelingen, waarbij het EESC als centraal punt voor de samenwerking met maatschappelijke organisaties en opensourcegemeenschappen fungeert en het bewustzijn over de impact van AI op de samenleving vergroot.

De studie introduceert ook een gemeenschappelijk glossarium op AI-gebied opdat beleidsmakers, ontwikkelaars en gebruikers dankzij een gemeenschappelijk taalgebruik goed met elkaar kunnen communiceren. Dit is van cruciaal belang voor een verantwoorde ontwikkeling, governance en toepassing van AI in alle sectoren.

De studie zal worden toegezonden aan belangrijke EU-instellingen en naar verwachting worden meegenomen in toekomstig AI-beleid. Het volledige rapport is hier te lezen. (vk)

Tijdens het EESC-forum op hoog niveau over vrouwenrechten bespraken de prominente deelnemers dringende kwesties rond vrouwenrechten. Ook werden de belangrijkste prioriteiten geformuleerd in de aanloop naar de komende zitting van de VN-commissie inzake de status van de vrouw

Tijdens het EESC-forum op hoog niveau over vrouwenrechten bespraken de prominente deelnemers dringende kwesties rond vrouwenrechten. Ook werden de belangrijkste prioriteiten geformuleerd in de aanloop naar de komende zitting van de VN-commissie inzake de status van de vrouw

De boodschap van het EESC-forum op hoog niveau over vrouwenrechten was duidelijk: er is vooruitgang geboekt, maar niet genoeg. Hoewel de EU stappen heeft ondernomen om vrouwen en meisjes te beschermen, worden de hard bevochten verworvenheden in Europa nog steeds bedreigd door structurele vormen van ongelijkheid, genderstereotypen en doordat vrouwenrechten op veel plaatsen worden teruggeschroefd. Zolang er structurele barrières blijven bestaan, kunnen vrouwen niet volledig deelnemen aan de samenleving.

Het forum op hoog niveau, dat op 26 februari plaatsvond als onderdeel van de EESC-zitting, werd bijgewoond door Sif Holst, voorzitter van de ad-hocgroep Gelijkheid van het EESC, EESC-voorzitter Oliver Röpke, Hadja Lahbib, Europees commissaris voor Gelijkheid, Paraatheid en Crisisbeheer, Carlien Scheele, directeur Europees Instituut voor gendergelijkheid, Florence Raes, directeur van het Brusselse kantoor van UN Women, Ayşe Yürekli, vertegenwoordiger EU bij Kagider, Turkse vereniging voor vrouwelijke ondernemers, Mary Collins, secretaris-generaal Europese Vrouwenlobby en Cianán Russell, senior beleidsmedewerker bij ILGA Europe.

In twee dynamische discussierondes werden urgente kwesties op het gebied van gendergelijkheid besproken, waarover het EESC tijdens de zitting adviezen heeft uitgebracht. Deskundigen, belanghebbenden en beleidsmakers konden van gedachten wisselen, oplossingen aandragen en hun inzet voor de bevordering van vrouwenrechten in Europa en daarbuiten kracht bijzetten.

De eerste paneldiscussie was gewijd aan de komende 69e zitting van de VN-commissie inzake de positie van de vrouw (UNCSW69), de tweede aan geweld tegen vrouwen en meisjes als mensenrechtenkwestie. Na afloop van het forum werden tijdens de zitting twee adviezen over deze kwesties goedgekeurd: EESC-bijdrage aan de EU-prioriteiten voor de UNCSW69 en Geweld tegen vrouwen als mensenrechtenkwestie. (lm)

Op tal van plaatsen in Europa en Amerika zijn maatschappelijke organisaties onder vuur komen te liggen. De EU moet nu actie ondernemen om hen te verdedigen en de democratie te vrijwaren. Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) heeft in een plenair debat op de Internationale Dag van ngo’s duidelijk gesteld dat maatschappelijke organisaties onmisbaar zijn voor het verdedigen van de democratie. Nu de geldkraan steeds verder wordt dichtgedraaid en hun voortbestaan op het spel staat, moet de EU onmiddellijk actie ondernemen om hen te beschermen en te steunen.

Op tal van plaatsen in Europa en Amerika zijn maatschappelijke organisaties onder vuur komen te liggen. De EU moet nu actie ondernemen om hen te verdedigen en de democratie te vrijwaren. Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) heeft in een plenair debat op de Internationale Dag van ngo’s duidelijk gesteld dat maatschappelijke organisaties onmisbaar zijn voor het verdedigen van de democratie. Nu de geldkraan steeds verder wordt dichtgedraaid en hun voortbestaan op het spel staat, moet de EU onmiddellijk actie ondernemen om hen te beschermen en te steunen.

Op 27 februari jl. heeft het EESC een debat gehouden over het thema “De EU en het maatschappelijk middenveld: versterking van democratie en participatie”. Dit bood vertegenwoordigers en deskundigen van maatschappelijke organisaties en leden van het Europees Parlement de kans om de rol van de maatschappelijke organisaties op dit cruciale gebied te bespreken en te evalueren.

Europarlementariër Raquel García Hermida-van der Walle (Renew Europe) wees erop dat maatschappelijke organisaties vaak bijdragen aan de nodige checks-and-balances. Maatschappelijke organisaties zorgen ook voor verschillende methoden van sociale interactie en kunnen daarmee diensten verlenen die door de overheid niet altijd worden geleverd. Als gevolg hiervan kunnen maatschappelijke organisaties soms politiek lastig zijn voor overheden en komen ze dikwijls als eerste onder vuur te liggen.

Nicholas Aiossa, directeur van Transparency International Europe, zei: “Er is een bewuste politieke campagne in het Europees Parlement gaande om maatschappelijke organisaties in diskrediet te brengen, de financiering ervan te beperken en hun rol en functie te verstoren. En dat terwijl er geen bewijs van financiële onregelmatigheden is gevonden.”

In januari werden ngo’s die actief zijn op het gebied van milieu en klimaat er door de centrumrechtse Europese Volkspartij (EVP) in het Europees Parlement (EP) van beschuldigd dat ze door de Europese Commissie worden gefinancierd om te lobbyen bij het EP, andere EU-instellingen en Europarlementariërs. Dit heeft tot grote verontwaardiging onder Europese maatschappelijke organisaties geleid.

Kritiek op maatschappelijke organisaties is van alle tijden, maar de recente aanvallen worden in de hand gewerkt door nepnieuws en misinformatie. Brikena Xhomaqi, covoorzitter van de Verbindingsgroep van het EESC, betoogde dat de huidige situatie een wake-upcall voor alle maatschappelijke organisaties is om de handen ineen te slaan en verandering teweeg te brengen. “Mensen moeten beseffen dat de meeste maatschappelijke organisaties afhankelijk zijn van vrijwilligerswerk, zodat we geen belastinggeld verspillen.”

De deelnemers riepen de Europese Commissie ook op om zich krachtiger over dit onderwerp uit te spreken en opperden een aantal manieren om de rol van maatschappelijke organisaties te versterken.

Mevrouw García Hermida-Van Der Walle zei dat ze erop zal aandringen dat de rol van maatschappelijke organisaties in het verslag over de rechtsstaat meer erkend en versterkt wordt en dat het conditionaliteitsmechanisme als een randvoorwaarde wordt gesteld.

EP-lid Michał Wawrykiewicz (EVP) zei het als zijn taak te zien om het bewustzijn over deze fundamentele onderwerpen binnen zijn fractie te vergroten. Ook bracht hij naar voren dat besluitvormers erop moet worden gewezen dat maatschappelijke organisaties en ngo’s actief zijn in het veld en cruciale diensten verlenen die het leven van mensen direct beïnvloeden.

EESC-voorzitter Oliver Röpke onderschreef de standpunten van de vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties: “We moeten ons verzetten tegen pogingen om deze organisaties te delegitimeren of om hun toegang tot middelen die essentieel zijn voor democratische participatie te beperken. Gezien het inperken van de financiering en de toenemende politieke druk moet ervoor gezorgd worden dat maatschappelijke organisaties kunnen rekenen op krachtigere steun, zodat ze hun belangrijke werk kunnen voortzetten.” (at)

Op 6 maart organiseerde het EESC een debat over de Clean Industrial Deal van de Europese Commissie, enkele dagen voor de besprekingen in de Raad op 12 maart. Beleidsmakers, industrieleiders en maatschappelijke organisaties onderzochten of dit initiatief de sector schone technologie, energie-intensieve industrieën en de strategische autonomie in Europa echt kan ondersteunen.

Op 6 maart organiseerde het EESC een debat over de Clean Industrial Deal van de Europese Commissie, enkele dagen voor de besprekingen in de Raad op 12 maart. Beleidsmakers, industrieleiders en maatschappelijke organisaties onderzochten of dit initiatief de sector schone technologie, energie-intensieve industrieën en de strategische autonomie in Europa echt kan ondersteunen.

Gezien de geopolitieke instabiliteit en de veranderende trans-Atlantische betrekkingen heeft Europa dringender dan ooit behoefte aan strategische autonomie. De Clean Industrial Deal heeft tot doel de economie sneller koolstofvrij te maken, circulariteit te bevorderen en tegelijkertijd het industriële concurrentievermogen te stimuleren, te beginnen met het verlagen van de energieprijzen. Er blijven echter twijfels bestaan over de haalbaarheid en de financiering van het plan.

“Het is geen kwestie van kiezen tussen strategische autonomie, concurrentievermogen en de dubbele transitie,” aldus Pietro de Lotto, voorzitter van de adviescommissie Industriële Reconversie (CCMI) van het EESC. Hij is van mening dat dit een moeilijke evenwichtsoefening wordt en voegt eraan toe: “Alle industrieën worden hierdoor getroffen en moeten zich in hun eigen tempo aanpassen, maar wel met duidelijke toezeggingen”.

Volgens de Commissie is het op geopolitiek vlak van groot belang dat we voor onze energie niet langer afhankelijk zijn van Rusland. De achteruitgang van de Europese industrie begint echter steeds zorgwekkender te worden. Zowel de industriële productie als de instroom van directe buitenlandse investeringen zijn de afgelopen twee jaar aanzienlijk gedaald.

Financiering wordt een grote uitdaging. EU-instellingen, lidstaten en industrie zullen moeten samenwerken om de doelstellingen van de Deal te halen. De Europese Investeringsbank heeft 500 miljoen EUR aan tegengaranties toegezegd en 1,5 miljard EUR om de energienetten te verbeteren, maar de nationale regeringen moeten extra middelen vrijmaken.

De sociale gevolgen van de transitie zijn ook een belangrijk punt, vooral in energie-intensieve sectoren waar veel banen verloren zijn gegaan. Vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties vroegen zich af of het verlagen van energiebelastingen, een belangrijk voorstel van de Deal, ten koste zou kunnen gaan van de financiering van onderwijs en gezondheidszorg.

Ondanks het optimisme over de langetermijndoelstellingen van de Clean Industrial Deal, spraken deskundigen hun bezorgdheid uit over het vermogen van de Deal om de uitdagingen op korte termijn aan te pakken. Snelheid en vereenvoudiging zijn cruciaal, aangezien hoge energiekosten en belemmeringen in de regelgeving de vooruitgang kunnen afremmen. Uiteenlopende nationale maatregelen blijven een probleem. Het industriebeleid in heel Europa moet op één lijn worden gebracht, maar daar dreigt de Clean Industrial Deal de boot te missen.

Technologische neutraliteit is ook een knelpunt en leidt tot discussies over de juiste balans tussen hernieuwbare energiebronnen, waterstof en biobrandstoffen. Hoewel de focus op hernieuwbare energie wordt toegejuicht, zijn er ook krachtige toezeggingen op het gebied van energie-efficiëntie nodig. Hernieuwbare energie heeft de Europese consument tussen 2021 en 2023 al 100 miljard EUR bespaard. De EU moet dit succesverhaal verder uitbouwen. (jh)

Met zijn prijs voor het maatschappelijk middenveld zet het EESC uitzonderlijke initiatieven vanuit het maatschappelijk middenveld voor de instandhouding en versterking van de Europese identiteit en het Europees burgerschap in het zonnetje. De prijs staat ieder jaar in het teken van een ander thema van groot maatschappelijk belang dat het werkterrein van het EESC bestrijkt.

Met zijn prijs voor het maatschappelijk middenveld zet het EESC uitzonderlijke initiatieven vanuit het maatschappelijk middenveld voor de instandhouding en versterking van de Europese identiteit en het Europees burgerschap in het zonnetje. De prijs staat ieder jaar in het teken van een ander thema van groot maatschappelijk belang dat het werkterrein van het EESC bestrijkt.

Op 20 maart heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) drie maatschappelijke organisaties uit respectievelijk Slowakije, België en Frankrijk onderscheiden voor hun baanbrekende projecten in de strijd tegen de toenemende schadelijke polarisatie in de Europese Unie.

Het prijzengeld van 32 000 euro werd verdeeld onder de drie laureaten.

De hoofdprijs van 14 000 euro werd toegekend aan de Slowaakse Debatbond voor het initiatief Olympiade voor kritisch denken (The Critical Thinking Olympiad), bedoeld om de Slowaakse jeugd weerbaarder te maken tegen desinformatie. Het betreft een wedstrijd in drie leeftijdsgroepen waarin studenten media-uitdagingen uit de echte wereld aangaan en content beoordelen op betrouwbaarheid.

De twee andere laureaten ontvingen elk 9 000 EUR.

Het Franse Reporters d’Espoirs sleepte de tweede prijs in de wacht met hun “Prix Européen Jeunes Reporters d'Espoirs”, een Franstalig opleidingsprogramma voor oplossingsgerichte journalistiek.

De derde prijs ging naar FEC Diversité uit België, voor hun project “ESCAPE GAME EXTRÊME DROITE pour se désintoxiquer”, een immersief spel dat is bedoeld om extreemrechtse ideologieën te bestrijden.

Over de 15e EESC-prijs voor het maatschappelijk middenveld

De 15e EESC-prijs voor het maatschappelijk middenveld stond open voor particulieren, bedrijven en maatschappelijke organisaties die met hun non-profitprojecten de strijd aanbinden met schadelijke polarisatie in de Europese Unie.

De afgelopen jaren is Europa getroffen door meerdere crises, van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de stijgende energieprijzen en kosten van levensonderhoud tot de aanhoudende economische en sociale nasleep van de COVID-19-pandemie. Dergelijke crises kunnen het vertrouwen in overheidsinstellingen ondermijnen en schadelijke polarisatie in de samenleving in de hand werken.

Polarisatie kan erbij horen in een open, pluralistische samenleving, maar toenemend populisme en negatieve polarisatie plaatsen de Europese democratieën voor grote uitdagingen. Europa wordt ook geconfronteerd met een voortdurende versplintering van het traditionele medialandschap, toenemende desinformatie en aanvallen op de mediavrijheid, die alle een bedreiging vormen voor de democratische waarden.

De winnaars van dit jaar werden gekozen uit meer dan 50 inzendingen uit 15 lidstaten. De winnende projecten zijn gekozen vanwege de buitengewone creativiteit en inzet van hun initiatiefnemers in de strijd tegen schadelijke polarisatie in de Europese samenleving.

Aurel Laurenţiu Plosceanu, EESC-vicevoorzitter voor communicatie: “Het maatschappelijk middenveld speelt een fundamentele rol bij de bescherming van de Europese democratie, zoals opnieuw is gebleken uit de opmerkelijke en veelzijdige inzendingen van dit jaar”.

Op 13 en 14 maart jl. werd “Jouw Europa, jouw mening” (YEYS) gehouden, een jongerenevenement dat het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) elk jaar organiseert. Dit jaar stond de rol van jongeren bij de gemeenschappelijke vormgeving van een veerkrachtige toekomst centraal, onder het motto “Jongeren een stem geven”. 

Op 13 en 14 maart jl. werd “Jouw Europa, jouw mening” (YEYS) gehouden, een jongerenevenement dat het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) elk jaar organiseert. Dit jaar stond de rol van jongeren bij de gemeenschappelijke vormgeving van een veerkrachtige toekomst centraal, onder het motto “Jongeren een stem geven”. 

Bijna 100 jongeren uit heel de EU, de negen kandidaat-lidstaten van de EU en het Verenigd Koninkrijk namen deel aan het evenement. Als vertegenwoordigers van jongerenorganisaties, nationale jeugdraden en middelbare scholen brachten zij de zorgen van een breed scala aan groepen onder de aandacht. Velen van hen komen al langer op voor jongeren, terwijl dit evenement voor anderen een belangrijke eerste stap was op weg naar inbreng in de participatiedemocratie, zowel binnen hun gemeenschap als daarbuiten.

Tijdens meerdere workshops brachten jongeren, bijgestaan door gespreksleiders, de urgentste kwesties in kaart die de politiek volgens hen zou moeten aanpakken. Deze kwesties varieerden van corruptiebestrijding tot het ontwikkelen van een coherente klimaatstrategie en het waarborgen van gelijke rechten voor iedereen. Aangezien corruptie het vertrouwen in instellingen ondermijnt en de democratie aantast, is het beslist noodzakelijk dat onderzoeksjournalistiek ondersteund wordt en er meer transparantie komt rond de besteding van belastinggeld.

“We moeten ervoor zorgen dat er verantwoording wordt afgelegd. We kunnen het ons niet veroorloven om alleen maar toe te kijken; niets doen zal ons duur komen te staan. We moeten deze strijd aangaan en winnen,” aldus een van de aanwezige jongeren.

Jongeren gaven ook aan dat er in de strijd tegen klimaatverandering gemeenschappelijke doelstellingen bepaald moeten worden en dat we “een bestaan moeten waarborgen dat vrij is van de nadelige gevolgen van klimaatverandering”. Ze drongen aan op onderwijsprogramma’s die op waarden zijn gebaseerd, om online gedrag positief te beïnvloeden en desinformatie tegen te gaan. De deelnemers pleitten ook voor gelijke rechten, behandeling en kansen en voor inclusie van iedereen in alle ruimtes. Wat betreft de geringe vertegenwoordiging van jongeren in de politieke besluitvorming benadrukten ze dat een democratie vereist dat alle stemmen worden gehoord.

Hoogtepunt van het evenement, dat anderhalve dag duurde, was de slotzitting waarop de toegewijde en betrokken jongeren hun aanbevelingen voorlegden aan EESC-voorzitter Oliver Röpke en EU-jongerencoördinator Biliana Sirakova. De jongeren stelden door middel van een stemming de volgende vijf punten van aandacht vast, in volgorde van belangrijkheid:

(1) Corruptie bestrijden door middel van transparantie en de participatie van jongeren.

(2) Actief burgerschap: van klaslokaal tot gemeenschap.

(3) Ongelijkheid tegengaan.

(4) Jongeren moeten kunnen meepraten.

(5) Een samenhangende strategie inzake klimaatverandering ontwikkelen.

Voorzitter Röpke benadrukte dat deze aanbevelingen de advieswerkzaamheden van het EESC vorm kunnen geven en dat gendergelijkheid een topprioriteit van het Comité is. Sirakova merkte op dat deze aanbevelingen ook als input voor de werkzaamheden van de EU kunnen dienen. (cpwb)

 

“Drie jaar na de start van de meedogenloze en niet-uitgelokte aanvalsoorlog van Rusland tegen Oekraïne – een aanval op een soevereine natie, maar ook op fundamentele waarden als democratie, menselijke waardigheid en de op regels gebaseerde internationale orde – herbevestigen wij onze solidariteit met het Oekraïense volk”, zei EESC-voorzitter Oliver Röpke in een verklaring tijdens de EESC-zitting in februari.

“Drie jaar na de start van de meedogenloze en niet-uitgelokte aanvalsoorlog van Rusland tegen Oekraïne – een aanval op een soevereine natie, maar ook op fundamentele waarden als democratie, menselijke waardigheid en de op regels gebaseerde internationale orde – herbevestigen wij onze solidariteit met het Oekraïense volk”, zei EESC-voorzitter Oliver Röpke in een verklaring tijdens de EESC-zitting in februari.

Sinds de eerste dag van deze inval hebben wij Oekraïne bijgestaan - niet alleen met woorden, maar ook met daden. Vandaag benadrukken wij nog eens onze niet aflatende steun voor de soevereiniteit, democratie en Europese toekomst van Oekraïne. Wij roepen de EU op om haar politieke, economische, humanitaire en militaire steun voort te zetten en op te voeren.

Het Oekraïense volk heeft buitengewone moed en weerbaarheid aan de dag gelegd bij het verdedigen van hun land en van de beginselen die ons als Europeanen verenigen. Sinds dag één hebben het EESC, zijn leden en het door het EESC vertegenwoordigde Europees maatschappelijk middenveld Oekraïne bijgestaan, niet alleen in woorden maar ook met daden.

In een tijd van toenemende geopolitieke onzekerheid zijn de recente verklaringen van vertegenwoordigers van de VS waarin de collectieve defensieverplichtingen van de NAVO in twijfel worden getrokken, uiterst alarmerend. Europa kan het zich niet veroorloven achterover te leunen.

Oekraïne vecht niet alleen voor zijn overleving, maar voor de veiligheid van het hele Europese continent.

De EU-leiders moeten dit moment aangrijpen om de Europese veiligheids- en defensiecapaciteit te versterken, strategische autonomie te herdefiniëren, het multilateralisme te verdedigen, de samenwerking met de Verenigde Naties te verdiepen en sterkere mondiale partnerschappen te smeden met democratische bondgenoten buiten Europa.

Europa moet nu in actie komen.

Halfhartigheid speelt autocraten en agressors in de kaart.

De democratieën moeten eensgezind en standvastig optreden.

Het EESC roept de EU op haar strategische autonomie te versterken, op te komen voor democratie en de grondrechten, en zich resoluut achter Oekraïne te scharen. De EU moet onverwijld strategische geopolitieke actie ondernemen.

U kunt de volledige verklaring hier lezen. (at)

Van 17-20 maart 2025 heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité de Week van het maatschappelijk middenveld gehouden. Die werd bijgewoond door meer dan 800 deelnemers van maatschappelijke organisaties en belangengroepen uit heel Europa, waaronder jongerenorganisaties en ngo’s. Ook de pers was aanwezig. Tijdens de openingszitting werd erop gewezen dat de ruimte voor het maatschappelijk middenveld moet worden beschermd door middel van juridische actie en dat er voor maatschappelijke organisaties een sleutelrol is weggelegd. Zij moeten immers de beleidsmakers ter verantwoording roepen, bruggen bouwen, sociale veerkracht bevorderen en een stem geven aan degenen die al te vaak niet worden gehoord. 

Van 17-20 maart 2025 heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité de Week van het maatschappelijk middenveld gehouden. Die werd bijgewoond door meer dan 800 deelnemers van maatschappelijke organisaties en belangengroepen uit heel Europa, waaronder jongerenorganisaties en ngo’s. Ook de pers was aanwezig. Tijdens de openingszitting werd erop gewezen dat de ruimte voor het maatschappelijk middenveld moet worden beschermd door middel van juridische actie en dat er voor maatschappelijke organisaties een sleutelrol is weggelegd. Zij moeten immers de beleidsmakers ter verantwoording roepen, bruggen bouwen, sociale veerkracht bevorderen en een stem geven aan degenen die al te vaak niet worden gehoord.

Het thema van de Week van het maatschappelijk middenveld in 2025 was Versterking van de cohesie en de participatie in gepolariseerde samenlevingen. Dit jaar stonden er drie belangrijke initiatieven op de agenda: de panels van de EESC-verbindingsgroep, de Dag van het Europees burgerinitiatief en de uitreiking van de EESC-prijs voor het maatschappelijk middenveld. De bedoeling was om:

  • de polarisatie tegen te gaan die de afgelopen jaren is toegenomen door de financiële crisis, de klimaatverandering en de groeiende inkomensongelijkheid;
  • de belangrijke rol te benadrukken die het maatschappelijk middenveld in dit verband kan spelen, en
  • de door het maatschappelijk middenveld voorgestelde oplossingen en geformuleerde eisen voor de EU-beleidsmakers te verzamelen om de polarisatie in Europa te bestrijden door de sociale cohesie en de democratische participatie op belangrijke maatschappelijke terreinen te versterken.

In zijn openingstoespraak benadrukte EESC-voorzitter Oliver Röpke: “Het maatschappelijk middenveld moet de huidige uitdagingen aangaan. Participatie, dialoog en solidariteit zijn meer dan mooie idealen – ze vormen het fundament van een veerkrachtig en verenigd Europa. Hier, in het kader van de Week van het maatschappelijk middenveld, willen we nogmaals bevestigen dat wij ons inzetten voor inclusie en actief burgerschap. Een sterke democratie is niet alleen afhankelijk van haar instellingen, maar ook van de betrokkenheid van al haar burgers.”

Albena Azmanova, hoogleraar politieke en sociale wetenschappen aan City Saint George’s, University of London, sprak over de groeiende economische onzekerheid waarmee de meerderheid van de mensen te maken heeft: de zogenaamde “epidemie van precariteit”. Ze legde uit dat in tijden van extreme onveiligheid de sleutel tot een doorbraak bij het maatschappelijk middenveld ligt:

“Door de grootschalige economische onzekerheid hebben de mensen niet meer de kracht om terug te vechten. Het maatschappelijk middenveld daarentegen is nog strijdvaardig. Burgeractivisten zijn gedreven en hebben een doel voor ogen. Zij willen iets ondernemen tegen bepaalde misstanden. Zij zijn de zichtbare armen en benen van de democratie.”

Younous Omarjee, ondervoorzitter van het Europees Parlement, zei: “In tijden van toenemend individualisme creëert het maatschappelijk middenveld een gevoel van saamhorigheid tussen de burgers en dient het als bolwerk tegen de verspreiding van extreemrechtse ideeën.”

Adriana Porowska, minister voor het maatschappelijk middenveld namens het Poolse voorzitterschap, sprak over de cruciale rol van ngo’s bij het opbouwen van sociale veerkracht en hun belang voor kwetsbare groepen en mensen in afgelegen gebieden. Ze vertelde hoe het maatschappelijk middenveld in Polen de veerkracht van het land versterkt.

Brikena Xhomaqi, covoorzitter van de EESC-verbindingsgroep met Europese maatschappelijke organisaties en netwerken, benadrukte dat het adagium van de EU “eenheid in verscheidenheid” door mensen aan de basis in praktijk wordt gebracht. Tegelijkertijd liggen maatschappelijke organisaties en ngo’s steeds meer onder vuur en worden hun financiering en rol ter discussie gesteld. “Zonder de juiste middelen kunnen maatschappelijke organisaties hun werk niet doen. Onze overheidsinstellingen moeten de ruimte voor het maatschappelijk middelveld beschermen, ook op juridisch vlak, want het zijn de maatschappelijke organisaties die zorgen voor sociale cohesie en voor eenheid in verscheidenheid.”

Grensoverschrijdende bedrijfsuitbreiding in de EU betekent navigeren door een doolhof van tegenstrijdige btw-regels en papierwerk, wat de kosten opdrijft. Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) staan voor onevenredig zware nalevingslasten, waardoor het moeilijker wordt om te groeien en te concurreren. Het EESC dringt aan op dringende hervormingen in twee adviezen die tijdens de februarizitting zijn goedgekeurd en die voortbouwen op de rapporten van Letta en Draghi. De voorstellen omvatten geharmoniseerde financiële regelgeving, AI-gestuurde verslaglegging en een gecoördineerd industriebeleid.

Uitbreiding over de grenzen in de EU betekent navigeren door een doolhof van tegenstrijdige btw-regels en papierwerk, wat de kosten opdrijft. Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) staan voor onevenredig zware nalevingslasten, waardoor het moeilijker wordt om uit te breiden en te concurreren. Het EESC dringt aan op dringende hervormingen in twee adviezen die tijdens de februarizitting zijn goedgekeurd en die voortbouwen op de rapporten van Letta en Draghi. De voorstellen omvatten geharmoniseerde financiële regelgeving, AI-gestuurde verslaglegging en een gecoördineerd industriebeleid.

“De eengemaakte markt is de ruggengraat van de Europese economische welvaart, maar is nog niet voltooid in belangrijke sectoren als financiën, energie en digitale diensten”, aldus EESC-voorzitter Oliver Röpke. “Uit het debat van vandaag blijkt dat er dringend hervormingen nodig zijn om belemmeringen weg te nemen en de dienstensector te versterken, zodat bedrijven in de hele EU op gelijke voet kunnen concurreren.”

Maria Luís Albuquerque, commissaris voor Financiële Diensten en de Spaar- en investeringsunie, steunde deze oproep: “Mijn visie voor de Spaar- en investeringsunie is welvaart creëren voor onze burgers en groei voor onze bedrijven door ze samen te brengen in een veilige, concurrerende, goed gereguleerde en gecontroleerde omgeving."

Het EESC heeft in zijn adviezen twee kritieke uitdagingen voor het concurrentievermogen vermeld: de versnippering van de eengemaakte markt, benadrukt in de rapporten van Letta en Draghi en de buitensporige bureaucratie, die vooral de kmo’s parten speelt. Beide factoren staan innovatie en economische groei in de weg.

Wat is het probleem?

Bedrijven in heel Europa worden overspoeld door complexe en overlappende regelgeving. Dit is een verspilling van tijd en geld, vertraagt de Green Deal en beperkt de toegang tot financiering voor middelgrote bedrijven Het leidt tot gefrustreerde bedrijven, hogere kosten voor consumenten en een zwakkere economische groei.

Naast de regeldruk heeft Europa te maken met diepere structurele problemen die het concurrentievermogen aantasten. Trage vooruitgang bij de voltooiing van de eengemaakte markt, verschillen in digitale en energie-infrastructuur en een gebrek aan gecoördineerd industriebeleid beperken het vermogen van de EU om wereldwijd te concurreren. Terwijl andere economische blokken snel reageren om investeringen aan te trekken en innovatie te stimuleren, dreigt Europa achterop te raken.

Hoe kan dit worden opgelost?

Versterking van het concurrentievermogen vergt een alomvattende aanpak, waarbij belemmeringen in belangrijke sectoren zoals financiën en energie worden weggenomen, de digitale transformatie wordt versneld en ervoor wordt gezorgd dat kmo’s kunnen groeien en op gelijke voet kunnen concurreren.

In de EESC-adviezen wordt het volgende voorgesteld:

  • Vereenvoudiging van regelgeving zonder de milieu- en sociale normen af te zwakken
  • Het creëren van één, op AI gebaseerd platform voor het stroomlijnen van rapportages voor kleine en middelgrote bedrijven, waardoor naleving sneller en eenvoudiger wordt
  • Het harmoniseren van regels in alle sectoren om te besparen op steeds terugkerend papierwerk
  • Het standaardiseren van financiële regelgeving in alle lidstaten aan de hand van een gecoördineerd EU-industriebeleid
  • Hervorming van het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (CBAM) met het oog op een eerlijker, minder omslachtig systeem (gb)