Skip to main content
Newsletter Info

EESC info

European Economic and Social Committee A bridge between Europe and organised civil society

MARCH 2023 | NL

GENERATE NEWSLETTER PDF

Beschikbare talen:

  • BG
  • CS
  • DA
  • DE
  • EL
  • EN
  • ES
  • ET
  • FI
  • FR
  • GA
  • HR
  • HU
  • IT
  • LT
  • LV
  • MT
  • NL
  • PL
  • PT
  • RO
  • SK
  • SL
  • SV
Hoofdartikel

Woord vooraf

Beste lezers,

Jongeren spelen een cruciale rol bij het vormgeven van de toekomstige samenleving. Hun energie, enthousiasme en frisse blik zijn van onschatbare waarde nu we voor complexe uitdagingen staan, met name wat het aanpakken van de klimaatverandering betreft. We zijn de jongerenbeweging dank verschuldigd voor hun toewijding, hun enorme inzet en hun helder verwoorde expertise bij deze kwesties.

Read more in all languages

Beste lezers,

Jongeren spelen een cruciale rol bij het vormgeven van de toekomstige samenleving. Hun energie, enthousiasme en frisse blik zijn van onschatbare waarde nu we voor complexe uitdagingen staan, met name wat het aanpakken van de klimaatverandering betreft. We zijn de jongerenbeweging dank verschuldigd voor hun toewijding, hun enorme inzet en hun helder verwoorde expertise bij deze kwesties.

Ik heb de passie en toewijding van jongeren in de strijd tegen de klimaatverandering met eigen ogen gezien tijdens mijn deelname aan de VN-klimaattop in New York, waar ik meeliep met Greta Thunberg en de jongerenbeweging in een demonstratie door Wall Street en Manhattan. Een van mijn belangrijkste doelstellingen bij mijn aantreden als vicevoorzitter voor communicatie was om de stemmen van jongeren luider te laten horen.

Het Comité heeft in de loop der jaren nauw samengewerkt met jongeren en jongerenorganisaties en erkent hun bijdragen aan de ontwikkeling van een duurzamere en rechtvaardigere samenleving, bijvoorbeeld door de prijs voor het maatschappelijk middenveld in 2022 in het teken van jongeren te laten staan en door middel van het initiatief “Jouw Europa, jouw mening!”. (YEYS).

De komende 14e editie van YEYS is gewijd aan jongerendialogen over democratie en getuigt daarmee van de inzet van het EESC voor jongerenparticipatie. Ik ben benieuwd naar de aanbevelingen en inzichten van de leerlingen met betrekking tot de toekomst van Europa en ik kijk ernaar uit hen in maart in Brussel te verwelkomen.

Ik ben er trots op dat ik met het advies dat ik heb geschreven een rol heb gespeeld bij de oprichting van de rondetafelbijeenkomsten voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid, die jongeren en EU-instellingen samenbrengen. De startvergadering in juli 2021 werd bijgewoond door 11 jongerenvertegenwoordigers en Frans Timmermans, vicevoorzitter van de Commissie. Dit initiatief heeft jongeren een platform gegeven om hun ideeën en oplossingen ten aanzien van de klimaatverandering te delen en heeft ertoe bijgedragen dat er een nieuwe generatie activisten is opgestaan.

Het EESC zorgt er ook voor dat de stem van jongeren in de mondiale beleidsvorming wordt gehoord door een jongerenafgevaardigde naar UNFCCC-vergaderingen te sturen als extra lid van de EESC-delegatie. Sophia Wiegand was de jongerenafgevaardigde van het EESC voor de COP26 en COP27.

Terugkijkend op mijn tijd als vicevoorzitter van het EESC ben ik diep geraakt door de vastberadenheid en energie van de jongeren met wie ik heb mogen samenwerken. Vooral onze jonge stagiairs zijn een bron van inspiratie geweest. Met hun bijdrage aan de activiteiten van het EESC vormen zij een waardevolle aanwinst voor het Comité, en we zijn er trots op dat we hen mogen vergezellen op hun weg om de vaardigheden en kennis te verwerven die nodig zijn om uit te groeien tot actieve burgers en leiders van hun gemeenschap. Met initiatieven als het Europees Jaar van de vaardigheden 2023 kunnen we de talenten van de volgende generatie blijven koesteren en ontwikkelen en hun de instrumenten en kennis bieden die ze nodig hebben om de uitdagingen van de toekomst aan te gaan.

Ik ben verheugd over de vooruitgang die we hebben geboekt bij het versterken van de positie van jongeren in de groene transitie. Er is echter nog veel werk aan de winkel. Ik vertrouw erop dat we op deze inspanningen zullen blijven voortbouwen om ervoor te zorgen dat de stem van jongeren wordt gehoord en dat we dringend actie ondernemen om de klimaatcrisis te bezweren. De toekomst van onze planeet en onze samenleving hangt ervan af.

Cillian Lohan

Vicevoorzitter van het EESC, verantwoordelijk voor communicatie

Voor in uw agenda

23-24 maart 2023, Brussel

Jouw Europa, jouw mening! 2023

26-27 april 2023, Brussel

EESC-zitting

19 juli 2023, Brussel

Energiearmoede aanpakken met het oog op een rechtvaardige transitie

Meteen ter zake!

In deze rubriek gaan EESC-leden in op belangrijke punten op de Europese agenda. Dit keer legt EESC-lid Rudolf Kolbe uit hoe het gebruik van hout in de bouw de CO2-uitstoot van de bouwsector kan helpen verminderen. Kolbe is rapporteur van een advies hierover, dat het EESC uitbrengt op verzoek van het Zweedse EU-voorzitterschap. Dit advies wordt tijdens de maartzitting van het EESC behandeld.

Read more in all languages

In deze rubriek gaan EESC-leden in op belangrijke punten op de Europese agenda. Dit keer legt EESC-lid Rudolf Kolbe uit hoe het gebruik van hout in de bouw de CO2-uitstoot van de bouwsector kan helpen verminderen. Kolbe is rapporteur van een advies hierover, dat het EESC uitbrengt op verzoek van het Zweedse EU-voorzitterschap. Dit advies wordt tijdens de maartzitting van het EESC behandeld.

Met hout kunnen we gebouwen maken die passen bij onze levensstandaard en milieudoelen

Door Rudolf Kolbe

Een aanzienlijk deel van de CO2-uitstoot in de EU en wereldwijd is afkomstig van de bouw. Het is daarom van groot belang de ecologische voetafdruk van de bouwsector te verkleinen. Dat kan in belangrijke mate door bouwen met hout te stimuleren, wat ook de groene transitie ten goede komt.

Read more in all languages

Door Rudolf Kolbe

Een aanzienlijk deel van de CO2-uitstoot in de EU en wereldwijd is afkomstig van de bouw. Het is daarom van groot belang de ecologische voetafdruk van de bouwsector te verkleinen. Dat kan in belangrijke mate door bouwen met hout te stimuleren, wat ook de groene transitie ten goede komt.

Hout bindt koolstof al voordat het een bouwmateriaal wordt (een boom bestaat voor ongeveer 50 % uit zuivere koolstof) en biedt ook veel andere voordelen: in veel landen kan hout op relatief korte afstand van bouwplaatsen uit duurzame bossen worden gehaald, de verwerking van hout is zelden lastig of schadelijk voor het milieu, en hout kan gemakkelijk opnieuw worden gebruikt. Uit vergelijkingen van de totale levensduur van ongeveer dezelfde gebouwen blijkt dat hout een haalbaar alternatief is wat betreft ingebedde energie, broeikasgasuitstoot, lucht- en watervervuiling en andere milieu-indicatoren.

Maar om het bouwen met hout te bevorderen en zo de klimaatdoelstellingen te helpen verwezenlijken, is het essentieel in aanbestedingsprocedures kwaliteitscriteria te hanteren, waaronder duurzaamheids- en levenscycluscriteria, en te kiezen voor passende aanbestedingsprocedures die ruimte bieden voor innovatieve oplossingen. Daarom moeten er strengere wettelijke verplichtingen voor kwaliteitsconcurrentie en klimaatvriendelijke overheidsopdrachten komen, alsmede maatregelen om publieke opdrachtgevers te leren om zulke criteria en verplichtingen toe te passen.

Verder zijn er minimumnormen nodig voor de totale koolstofuitstoot van gebouwen en de bijbehorende verplichte koolstofrapportage in de gehele bouwsector, naast juridische en technische randvoorwaarden die innovaties in het algemeen en met name in de houtbouw mogelijk maken.

Tot slot leveren geheel of gedeeltelijk houten gebouwen voor de bewoners en gebruikers ervan duurzame, inclusieve en mooie woon- en werkruimtes op.

“Een vraag voor ...”

Een vraag voor...

Voor de maarteditie hebben we EESC-lid Nicoletta Merlo een vraag gesteld die het hart raakt van haar nieuwe advies over de “Rol van jongeren in de groene transitie”. Dit advies zal tijdens de EESC-zitting van maart aan de voltallige vergadering ter goedkeuring worden voorgelegd.

Read more in all languages

Voor de maarteditie hebben we EESC-lid Nicoletta Merlo een vraag gesteld die het hart raakt van haar nieuwe advies over de “Rol van jongeren in de groene transitie”. Dit advies zal tijdens de EESC-zitting van maart aan de voltallige vergadering ter goedkeuring worden voorgelegd.

Nicoletta Merlo: “Laten we luisteren naar wat jongeren te zeggen hebben”

EESC Info: Welke rol moeten jongeren spelen in de groene transitie?

Nicoletta Merlo: Jongeren kunnen en moeten om minstens twee redenen een cruciale rol spelen in de groene transitie. In de eerste plaats mogen we niet vergeten dat de beslissingen die beleidsmakers vandaag nemen over klimaatverandering en het milieu vooral gevolgen hebben voor jongeren en toekomstige generaties, die dus inspraak moeten krijgen.

Read more in all languages

EESC Info: Welke rol moeten jongeren spelen in de groene transitie?

Nicoletta Merlo: Jongeren kunnen en moeten om minstens twee redenen een cruciale rol spelen in de groene transitie. In de eerste plaats mogen we niet vergeten dat de beslissingen die beleidsmakers vandaag nemen over klimaatverandering en het milieu vooral gevolgen hebben voor jongeren en toekomstige generaties, die dus inspraak moeten krijgen.

Een ander belangrijk aspect is dat jongeren het gevoeligst zijn voor en zich het meest bewust zijn van de noodzaak om echt werk te maken van de groene transitie en actie te ondernemen met het oog op milieuduurzaamheid. De afgelopen jaren heeft klimaatactie grote aantallen jongeren in heel Europa op de been gebracht. Op lokaal, nationaal en Europees niveau zijn tal van milieu- en sociale bewegingen van jongeren ontstaan die demonstreren en van overheden en beleidsmakers concrete maatregelen voor milieubescherming en klimaatneutraliteit eisen.

Hoewel de rol van jongeren bij het bouwen aan een meer duurzame, inclusieve en groene wereld steeds meer wordt erkend en 2022 werd uitgeroepen tot Europees Jaar van de Jeugd, is het voor jongeren nog steeds moeilijk om hun stem te laten horen en invloed uit oefenen op de besluitvorming; dit geldt trouwens niet alleen voor de groene transitie.

Ik vind dat jongerenorganisaties de kans moeten krijgen om op stelselmatige en structurele wijze — en dus niet alleen sporadisch — hun standpunten kenbaar te maken in instellingen op alle beleidsniveaus, zodat zij een goed onderbouwde en zinvolle bijdrage kunnen leveren aan de besluitvorming en ideeën, en projecten met betrekking tot milieuduurzaamheid kunnen uitvoeren.

Daartoe moeten de instellingen eerst en vooral de EU-jeugdtest invoeren, jongerenorganisaties adequate (en structurele) financiële steun verlenen, en investeringen stelselmatig beoordelen op hun economische, politieke en sociale gevolgen voor jongeren, zodat zij een duidelijk beeld krijgen van hoe en in welke mate het overheidsbeleid hun leven positief beïnvloedt.

Twee andere belangrijke aspecten die in verband met de rol van jongeren in de groene transitie specifieke aandacht verdienen, zijn onderwijs en werkgelegenheid.

Gezien de urgente situatie op het gebied van klimaat en milieu moet duurzaamheidseducatie een prioriteit worden voor scholen. Kinderen moeten al jong leren over duurzaamheid en milieubescherming, maar ook daarna, in alle onderwijsfasen. Er is behoefte aan een transversale aanpak waarbij zowel theoretische als praktische vaardigheden worden aangeleerd, door onder meer in te zetten op trajecten voor de overgang van school naar werk en op praktische stages. Ook een leven lang leren is van essentieel belang. Het welslagen van de ecologische transitie zal immers ook afhangen van het vermogen van scholen om met lokale overheden samen te werken op het gebied van buitenschoolse activiteiten. Daarbij gaat het met name om jongerenorganisaties en maatschappelijke organisaties, met het oog op een grotere bewustwording en participatie van het publiek.

2023 is uitgeroepen tot Europees Jaar van de Vaardigheden. Zonder vaardigheden is er geen transitie mogelijk. Jongeren moeten worden uitgerust met de nodige vaardigheden zodat ze kunnen omgaan met de vernieuwingen die de groene transitie met zich meebrengt en die onvermijdelijk gevolgen (zullen) hebben voor de arbeidswereld. Daarom moet worden geïnvesteerd in opleidings- en leerpraktijken die in een werkomgeving plaatsvinden, met name in de vorm van hoogwaardige leerling- en stageplaatsen.

De groene transitie moet een rechtvaardige transitie zijn, waarbij om- en bijscholing van werknemers en hoogwaardige banen voor iedereen worden gewaarborgd en ervoor wordt gezorgd dat niemand aan zijn lot wordt overgelaten. Daarom komt het er op aan werk te maken van een opleidingsbeleid dat met het industriebeleid is geïntegreerd, op andere ontwikkelingsstrategieën wordt afgestemd en op regionaal en lokaal niveau in nauwe samenwerking met de sociale partners uitvoerig wordt gepland.

Tot slot is innovatie essentieel voor het welslagen van de groene transitie. Om de doelstellingen te halen is het zeer belangrijk dat jongeren met ondernemingszin worden aangemoedigd om aan het innovatieproces deel te nemen via specifieke opleidingen en steun voor innovatieve projecten, en ook door te voorzien in passende financiële steun.

Raadt u wie onze gast is?

De speciale gast

“De speciale gast” is een rubriek waarin we het woord geven aan mensen die zich hebben onderscheiden op het gebied van wetenschap, journalistiek en cultuur. Onze gast deze maand is Jevgeni Afineevsky, Amerikaans filmregisseur, -producent en cameraman, die documentaires heeft gemaakt over de oorlogen in Oekraïne en Syrië.

Read more in all languages

“De speciale gast” is een rubriek waarin we het woord geven aan mensen die zich hebben onderscheiden op het gebied van wetenschap, journalistiek en cultuur. Onze gast deze maand is Jevgeni Afineevsky, Amerikaans filmregisseur, -producent en cameraman, die documentaires heeft gemaakt over de oorlogen in Oekraïne en Syrië.

Zijn film “Winter on fire: Ukraine’s fight for freedom”, waarin hij verslag doet van de Euromaidan-protesten in Oekraïne van 2013 tot 2014, werd genomineerd voor een Oscar en vier Emmy Awards. In 2016 verbleef Afineevsky maandenlang in Syrië om te filmen; in zijn bekroonde documentaire “Cries from Syria”, die tot de officiële selectie van het Sundance Film Festival van 2017 behoorde, wordt de oorlog van alle kanten belicht. In 2022 maakte hij nog een film over Oekraïne, “Freedom on fire: Ukraine’s fight for freedom”, waarin hij het begin van de recente invasie en de verwoestende gevolgen van de oorlog voor het leven van gewone Oekraïners in beeld brengt.

EESC Info interviewde Jevgeni Afineevsky over zijn werk als maker van oorlogsdocumentaires.

Evgeny Afineevsky: “Ieder van ons is een waterdruppel, samen zijn we een oceaan”

EESC-info: Met “Winter on Fire: Ukraine's Fight for Freedom” heeft u een paar jaar geleden al een film over Oekraïne gemaakt, die genomineerd werd voor een Oscar. Nu bent u terug met een nieuwe film:“Freedom on Fire: Ukraine’s fight for freedom”. Is dit deel twee van dat verhaal?

Evgeny Afineevsky: “Winter on Fire” was een pleidooi voor vrede. In februari 2022 vond ik het als filmmaker de hoogste tijd om op dit verhaal terug te komen en het verband te laten zien met de oorlog van vandaag. Ik zou dus niet zeggen dat “Freedom on Fire” een sequel is. Wat de film doet, is de draad oppakken vanaf Maidan tot waar we nu zijn. Deze oorlog is eigenlijk al acht jaar bezig. Het is een gevecht voor waardigheid, vrijheid en mensenrechten.

Read more in all languages

EESC-info: Met “Winter on Fire: Ukraine's Fight for Freedom” heeft u een paar jaar geleden al een film over Oekraïne gemaakt, die genomineerd werd voor een Oscar. Nu bent u terug met een nieuwe film:“Freedom on Fire: Ukraine’s fight for freedom”. Is dit deel twee van dat verhaal?

Evgeny Afineevsky: “Winter on Fire” was een pleidooi voor vrede. In februari 2022 vond ik het als filmmaker de hoogste tijd om op dit verhaal terug te komen en het verband te laten zien met de oorlog van vandaag. Ik zou dus niet zeggen dat “Freedom on Fire” een sequel is. Wat de film doet, is de draad oppakken vanaf Maidan tot waar we nu zijn. Deze oorlog is eigenlijk al acht jaar bezig. Het is een gevecht voor waardigheid, vrijheid en mensenrechten.

Wat heeft u ertoe aangezet om die eerste film over Oekraïne te maken?

Dat moet Maidan geweest zijn. Ik heb daar gezien hoe dapper het Oekraïense volk is. Ze kwamen op voor hun rechten en overtuigingen. Ze vochten voor een onafhankelijk Oekraïne als een verenigd land dat deel uitmaakt van de familie van vrije Europese naties. Daar was ik toen getuige van en dat heeft me ertoe gebracht om het verhaal vorig jaar weer op te pakken en de saga voort te zetten.

Is er een bijzonder verhaal dat u met de Oekraïners ter plaatse heeft meegemaakt en dat u met ons wilt delen?

Er zijn er zo veel. Maar er is er een dat ik altijd vertel wanneer ik mensen hoor zeggen dat je de geschiedenis niet kunt veranderen. Toen ik in die koude winter van 2013-2014 op het Maidan-plein was, hing daar een poster met een grote waterdruppel en de tekst: “Ieder van ons is een waterdruppel, samen zijn we een oceaan”. Ik zag hoe de Oekraïners de handen in elkaar sloegen en de regering lieten zien dat ze de stem, de kracht en de wil hadden om hun geschiedenis als natie te veranderen, en dat deden ze ook. In 93 dagen bereikten mensen uit verschillende sociale groepen, rijk en arm, jong en oud, hun doel door samen te werken en elkaar te respecteren. Het gaat erom verenigd te zijn, dat is nu belangrijker dan ooit.

Wat verwacht u van de EU, van de Europese landen en het maatschappelijk middenveld als het erom gaat de Oekraïners in deze oorlog te helpen?

De EU staat voor eenheid, voor eenmaking. Ik denk dat dit het moment is om te voorkomen dat een derde wereldoorlog uitbreekt. Hoe eerder we dit inzien, hoe eerder de wereld verenigd zal zijn. De Oekraïners vragen mensen uit andere landen niet om mee te vechten, maar om hen te helpen deze oorlog te winnen. En wat zo mooi is: de hele wereld, wij allen, staan achter Oekraïne om deze oorlog een halt toe te roepen.

U heeft deze film opgedragen aan de journalisten “die elke dag hun leven op het spel zetten”. Hoe belangrijk zijn verslaggevers en activisten in oorlogstijd?

Ik heb deze uitspraak gedaan in mijn eerste film en ik blijf hem herhalen, nu ik met journalisten ter plaatse heb gewerkt en sommigen van hen er niet meer zijn. Uit statistieken blijkt dat journalisten, Oekraïense filmmakers en verslaggevers zijn omgekomen in de eerste maanden van de oorlog, die het wreedst waren. Deze oorlog wordt echter niet alleen op de grond uitgevochten, maar ook in de media. Propaganda is het belangrijkste wapen. Joseph Goebbels leerde ons al dat als je een leugen maar vaak genoeg herhaalt, hij uiteindelijk de waarheid wordt.

De Russische agressie tegen Oekraïne vindt letterlijk voor de deur van Europa plaats en heeft grote gevolgen voor de Europese landen. Hoe zit het met de Verenigde Staten? Hoe hebben de mensen daar gereageerd? Zijn de ngo’s en maatschappelijke organisaties in actie gekomen?

De Amerikaanse regering helpt zoveel ze kan, maar hier in Hollywood wordt niet veel over Oekraïne gesproken. Sommige zenders brengen nog verslag uit over de oorlog, maar de mainstreammedia niet. Ngo’s zijn vanaf het begin ter plaatse geweest om de mensen te helpen, maar de samenleving als geheel zit op een andere golflengte. Dat maakt nu eenmaal deel uit van de realiteit van de oorlog. We hebben het druk met veel andere dingen. Voor mij als filmmaker is het pijnlijk om te zien dat er zo weinig politieke films zijn. Het lijkt alsof Hollywood zich ver weg van de politiek wil houden. Maar als in Oekraïne een kerncentrale wordt geraakt, zullen we daar uiteindelijk allemaal een prijs voor moeten betalen.

U heeft in 2017 “Cries from Syria” geregisseerd, ook weer een film over oorlog en conflict. Wat was de aanleiding om die documentaire te maken? Is het u gelukt om deze tragedie onder de aandacht te brengen?

Met “Cries from Syria” wilde ik via mijn verhaal een licht werpen op wat er in Syrië is gebeurd vanaf het begin tot de enorme vluchtelingencrisis. Veel van de mensen in “Cries from Syria” zijn nu dood. Hetzelfde geldt voor de films over Oekraïne. Ik heb geprobeerd de wereld uit te leggen dat het geen lokaal conflict was, maar een oorlog. Ik wilde ook activisten en vrijwilligers met elkaar in contact brengen, maar bovenal wilde ik journalisten in contact brengen met de journalist aan het front, die de hoofdrol speelt in de film. In mijn meest recente film heb ik laten zien wat voor mij het belangrijkst is, de mediaoorlog. Ik heb veel tijd doorgebracht in steden en in de media en heb duidelijk gemaakt wat propaganda is. Ik denk dat ik de belangrijke verhalen van onze tijd wil vertellen en tegelijk wil ik degenen die ze beleven de kans geven hun stem luid en duidelijk te laten horen. Ik wil de wereld iets bijbrengen en oproepen tot actie. Voor mij is elke film een drievoudige A: “advocacy” (pleitbezorging), “activism” (activisme) en “action” (actie).

Heeft u het gevoel dat u met uw films uw doelen heeft bereikt?

Ja, absoluut! Dat is ook wat me motiveert om ermee door te gaan. Ik heb gemerkt dat mijn films echt een verschil hebben gemaakt. Ze hebben mensen geïnspireerd tot politieke actie. Ik heb mensen zien veranderen nadat ze mijn films over Syrië en Oekraïne hadden gezien. In de vragenrondes willen de mensen altijd weten: Vertel ons alsjeblieft, hoe kunnen we helpen? Wat kunnen we doen? Dat is de vraag die ik bijna elke keer te horen krijg. Het is echt inspirerend en het geeft me een geweldig gevoel.

Wat wordt uw volgende project? Heeft u al iets op stapel staan?

Nee, nog niet. Eerst moeten we deze oorlog laten ophouden. Want als deze oorlog zich morgen nog uitbreidt, zullen er geen filmmakers meer nodig zijn. Hollywood zal ophouden te bestaan. Alleen als we de rangen sluiten, kunnen we deze hybride oorlog winnen, op het slagveld in Oekraïne en in de media. Propaganda en leugens kunnen makkelijk de grens van de EU of de VS oversteken. Ze hebben geen visum nodig. Ze kunnen vrij rondreizen. Dat is wat iedereen in Hollywood, in Amerika en in de hele wereld steeds weer vergeet.

Trailer voor “Freedom on Fire”.
Meer over de film hier.

Nieuws van het EESC

Het is tijd voor een Europese Blue Deal: het EESC start werkzaamheden op het gebied van water

Waterschaarste en waterverontreiniging blijven wereldwijde problemen. Het huidige beleidskader van de EU lijkt tekort te schieten. Tegen deze achtergrond kwamen vooraanstaande waterdeskundigen op 27 februari in het EESC bijeen om op zoek te gaan naar mogelijke oplossingen. De hoorzitting vormde het startschot voor de werkzaamheden van het EESC op het gebied van water. 

Read more in all languages

Waterschaarste en waterverontreiniging blijven wereldwijde problemen. Het huidige beleidskader van de EU lijkt tekort te schieten. Tegen deze achtergrond kwamen vooraanstaande waterdeskundigen op 27 februari in het EESC bijeen om op zoek te gaan naar mogelijke oplossingen. De hoorzitting vormde het startschot voor de werkzaamheden van het EESC op het gebied van water. 

Het EESC bereidt momenteel een reeks initiatiefadviezen voor en zal in het najaar aanbevelingen van het maatschappelijk middenveld presenteren over de toekomst van het water in de EU.

In de zomer van 2022 kende Europa de ergste droogte in 500 jaar. Hoewel de Green Deal van de EU voorstellen bevat om de waterproblematiek aan te pakken, zijn de doelstellingen niet genoeg geïntegreerd in het EU-beleid. Er is een opschaling nodig om te voorkomen dat de fouten die in het verleden in het energiebeleid zijn gemaakt, worden herhaald. 

EESC-voorzitter Christa Schweng zei hierover: “De EU heeft de kans om het voortouw te nemen op het gebied van water.”

Ook het Europees Parlement pleitte onlangs voor een EU-waterstrategie. Pernille Weiss, voorzitter van de watergroep van het Europees Parlement, zei: “Ik hoop dat Europa een rolmodel wordt voor de bescherming van onze watervoorraden.”

Met een reeks initiatiefadviezen zal het EESC aandringen op een alomvattende EU-waterstrategie, waarin voorstellen worden gedaan voor de bescherming van voorraden schoon water, voor het anticiperen op en beperken van de gevolgen van internationale conflicten als gevolg van watergerelateerde kwesties en voor duurzaam waterbeheer.

Pietro Francesco de Lotto, voorzitter van de adviescommissie Industriële Reconversie (CCMI), benadrukte de industriële dimensie van water: “Waterefficiënte technologieën zijn een belangrijk onderdeel van de oplossing, niet alleen voor de industrie, maar ook voor de samenleving als geheel.”

Salla Saastamoinen, adjunct-directeur-generaal van het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (JRC), zei: “Het JRC streeft net als het EESC naar een holistische benadering van waterbeheer.”

Oliver Röpke, voorzitter van de groep Werknemers van het EESC, benadrukte het belang van water als mensenrecht: “Solidariteit en duurzaamheid moeten centraal staan in onze oplossingen.” (gb)

Sviatlana Tichanovskaja in het EESC: “Belarus mag geen troostprijs van Poetin worden”

Tijdens de februarizitting van het EESC heeft Sviatlana Tichanovskaja, leider van de Belarussische democratische oppositie, de EU-instellingen opgeroepen het Belarussische volk te steunen in zijn strijd tegen het autoritaire bewind. Belarus verdient het deel uit te maken van de Europese familie, zei ze, en dat kan alleen met de actieve steun van alle EU-instellingen. 

Read more in all languages

Tijdens de februarizitting van het EESC heeft Sviatlana Tichanovskaja, leider van de Belarussische democratische oppositie, de EU-instellingen opgeroepen het Belarussische volk te steunen in zijn strijd tegen het autoritaire bewind. Belarus verdient het deel uit te maken van de Europese familie, zei ze, en dat kan alleen met de actieve steun van alle EU-instellingen. 

De mensenrechtensituatie in Belarus verslechtert zienderogen. Ongeveer 1500 burgers worden om politieke redenen vastgehouden en elke dag komen er zo'n zeventien bij. 

EESC-voorzitter Christa Schweng zei hierover: “Alle politici met autoritaire neigingen zijn bang voor hun volk. Ze vrezen het maatschappelijk middenveld omdat het in staat is nieuwe en creatieve krachten voort te brengen die het verschil zouden kunnen maken.”

Tichanovskaja wees erop dat de bevrijdingsstrijd in Belarus en Oekraïne rechtstreeks met elkaar verbonden zijn: “Over de toekomst van Europa wordt beslist op de slagvelden van Oekraïne, in het Belarussische ondergrondse verzet en natuurlijk in de Europese hoofdsteden”. Ze riep de EU-instellingen op om de mensen te steunen die ter plaatse en in ballingschap vechten, en stelde voor het Oostelijk Partnerschap, waaruit de Belarussische regering zich in 2021 heeft teruggetrokken, in samenwerking met de Belarussische oppositie nieuw leven in te blazen. 

“We roepen de autoriteiten op om de gearresteerde burgers en vakbondsleden onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten”, aldus Oliver Röpke, voorzitter van de groep Werknemers van het EESC.

“Als vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld zijn we bereid uw spreekbuis te zijn en uw ideeën over hoe de situatie in Belarus kan worden verbeterd aan alle EU-instellingen voor te leggen”, benadrukte Stefano Mallia, voorzitter van de groep Werkgevers van het EESC.

Simo Tiainen, vicevoorzitter van de groep Maatschappelijke Organisaties, zei: “Mevrouw Tichanovskaja, u bent een sterke en moedige vrouw. U vecht onverschrokken voor een betere toekomst voor uw land. Wij staan aan uw kant. Belarus heeft democratie nodig, geen dictatuur.” (mt)
 

Oekraïens maatschappelijk middenveld moet worden gesteund “zo lang als dat nodig is”

Eén dag voordat het een jaar geleden was dat Rusland Oekraïne binnenviel, heeft het EESC een resolutie aangenomen waarin wordt gepleit voor een snelle toetreding van Oekraïne tot de EU, met inachtneming van de uitbreidingsbeginselen. Het EESC is voorstander van de oprichting van een speciaal internationaal tribunaal voor het misdrijf agressie tegen Oekraïne en benadrukt dat het maatschappelijk middenveld Oekraïne moet blijven steunen zo lang als dat nodig is.

Read more in all languages

Eén dag voordat het een jaar geleden was dat Rusland Oekraïne binnenviel, heeft het EESC een resolutie aangenomen waarin wordt gepleit voor een snelle toetreding van Oekraïne tot de EU, met inachtneming van de uitbreidingsbeginselen. Het EESC is voorstander van de oprichting van een speciaal internationaal tribunaal voor het misdrijf agressie tegen Oekraïne en benadrukt dat het maatschappelijk middenveld Oekraïne moet blijven steunen zo lang als dat nodig is.

Het EESC heeft op zijn zitting van februari een derde resolutie over Oekraïne uitgebracht, getiteld Oekraïne, één jaar na de Russische invasie – de kijk van het Europees maatschappelijk middenveld. De resolutie werd aangenomen nadat er over de gevolgen van de oorlog voor de bevolking in Oekraïne en de EU was gedebatteerd met Oleksandra Matviichuk, hoofd van het Centrum voor burgerlijke vrijheden en winnaar van de Nobelprijs voor de vrede in 2022, en Lora Pappa, voorzitter van de Griekse ngo METAdrasi – Actie voor migratie en ontwikkeling.

Het EESC breekt in zijn resolutie een lans voor toetreding van Oekraïne tot de Europese Unie. “Wij zouden graag zien dat Oekraïne snel toetreedt tot de EU, waarbij in het proces daarnaartoe wel de uitbreidingsbeginselen in acht dienen te worden genomen. Het Oekraïense maatschappelijk middenveld en de Oekraïense bevolking blijven voor het EESC de hoogste prioriteit houden”, aldus EESC-voorzitter Christa Schweng.

In de resolutie wordt aangedrongen op de oprichting van een speciaal internationaal tribunaal voor het misdrijf agressie tegen Oekraïne. In een emotionele toespraak wees mevrouw Matviichuk op het ongekende aantal oorlogsmisdaden die door Russische troepen zijn gepleegd: “Het is tijd om de daad bij het woord te voegen en werk te maken van juridische procedures, want zonder gerechtigheid is er geen duurzame vrede mogelijk.”

Seamus Boland, voorzitter van de groep Maatschappelijke Organisaties, zei: “Ook wij staan achter de oproep om een speciaal internationaal tribunaal voor het misdrijf agressie tegen Oekraïne op te richten”.

Sinds de Russische inval, nu een jaar geleden, hebben maatschappelijke organisaties acht miljoen vluchtelingen en zes miljoen binnenlandse ontheemden geholpen. Maar “de vermoeidheid begint zichtbaar te worden”, aldus mevrouw Pappa.

Oliver Röpke, voorzitter van de groep Werknemers, zei dat “het Oekraïense maatschappelijk middenveld zich hier thuis zou moeten voelen en niet slechts het gevoel zou moeten hebben dat het bij ons te gast is”. Stefano Mallia, voorzitter van de groep Werkgevers, voegde eraan toe dat “het maatschappelijk middenveld bereid is alles te doen wat nodig is om Oekraïne te steunen op de weg naar herstel, hoe lang het ook duurt”. (mt)

Europese bedrijven hebben steeds meer moeite om goed geschoolde arbeidskrachten aan te trekken

Tijdens zijn zitting van 22 februari hield het EESC een debat waarin erop gewezen werd dat bedrijven steeds meer moeite hebben om goed geschoolde arbeidskrachten aan te trekken en dat er snel op alle niveaus een brede vaardighedenstrategie moet komen. 

Read more in all languages

Tijdens zijn zitting van 22 februari hield het EESC een debat waarin erop gewezen werd dat bedrijven steeds meer moeite hebben om goed geschoolde arbeidskrachten aan te trekken en dat er snel op alle niveaus een brede vaardighedenstrategie moet komen. 

Het debat vond plaats ter gelegenheid van het Europees Jaar van de Vaardigheden en in verband met de goedkeuring van het EESC-advies Ondersteuning van ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Tot de deelnemers behoorden Stefano Scarpetta, directeur Werkgelegenheid, Arbeid en Sociale Zaken van de OESO, Marianna Panebarco, vicevoorzitter van SMEunited, en Juan Antonio Pedreño, voorzitter van Social Economy Europe.

Bij de opening van het debat zei EESC-voorzitter Christa Schweng: “In de nasleep van de pandemie is door de versnelde digitalisering, de vergroening en de veranderende werkorganisatie gebleken hoe belangrijk bij- en omscholing van werknemers is om hun inzetbaarheid en productiviteit op peil te houden, vooral in onze vergrijzende samenleving.”

De sprekers spraken de hoop uit dat het Europees Jaar van de Vaardigheden geen dode letter zal blijven, maar zal uitgroeien tot een instrument om levenslang leren, opleiding en omscholing te bevorderen.

Zij wezen op allerlei problemen met opleidingen, zoals de beperkte deelname van werknemers door onder meer tijd- of geldgebrek, of opleidingen die niet aansluiten bij de behoeften van bedrijven. 

De nadruk lag op de essentiële rol die de sociale partners kunnen spelen door aan te dringen op de erkenning van vaardigheden en zo mensen te helpen inzetbaar te blijven. Ook de rol van de sociale dialoog, als onmisbaar instrument om behoeften in kaart te brengen en vaardigheden op de werkplek te ontwikkelen, werd onderstreept.

Net als in het EESC-advies ging in het debat de aandacht speciaal uit naar kleine en middelgrote ondernemingen, omdat zij nu al moeite hebben om geschoolde arbeidskrachten te vinden of op maat gesneden opleidingsprogramma's aan te bieden. 

“De transformatie van de Europese arbeidsmarkt vereist een goed inzicht in het soort vaardigheden dat nodig zal zijn bij toekomstige veranderingen op de arbeidsmarkt, ook in het midden- en kleinbedrijf”, aldus Mariya Mincheva, rapporteur van het EESC-advies. 

In het advies wijst het EESC erop dat een leven lang leren een integraal onderdeel moet zijn van bredere economische groeistrategieën en herstel- en veerkrachtplannen. Het is ook van mening dat kleine en middelgrote bedrijven moeten worden aangemoedigd om in netwerken met elkaar samen te werken en, in reactie op de uitdagingen die samenhangen met de dubbele transitie, hun capaciteiten te bundelen.

Uit schattingen blijkt dat 128 miljoen Europeanen zich zullen moeten bij- en omscholen om actief te kunnen blijven op de arbeidsmarkt. Laaggeschoolde werknemers, wier banen heel gemakkelijk te automatiseren zijn en daarom het meest gevaar lopen, nemen het minst deel aan opleidingen: hun participatie bedroeg in een bepaalde periode slechts 4 % in de EU27. 

De participatie van volwassenen in het algemeen is ook gering: slechts 11 % volgde in een bepaalde periode een opleiding. Werknemers in de leeftijdsgroep 25-34 jaar volgen het vaakst een opleiding, met een participatiegraad van 22 %, tegenover slechts 8 % voor alle leeftijdsgroepen tezamen. (ll)
 

Kortetermijnverhuur van accomodatie: EU-wetgeving moet helpen de gevolgen voor het lokale leven en lokale bedrijven te beteugelen

In een advies van februari stelt het EESC dat nationale en lokale overheden moeten worden aangespoord om middels effectbeoordelingen na te gaan hoe de kortetermijnverhuur van accommodatie via onlineplatforms van invloed is op het leven van omwonenden en op lokale ondernemingen, zoals hotels en andere horecabedrijven.

Read more in all languages

In een advies van februari stelt het EESC dat nationale en lokale overheden moeten worden aangespoord om middels effectbeoordelingen na te gaan hoe de kortetermijnverhuur van accommodatie via onlineplatforms van invloed is op het leven van omwonenden en op lokale ondernemingen, zoals hotels en andere horecabedrijven.

In het advies spreekt het EESC zich uit over de door de Europese Commissie voorgestelde verordening inzake kortetermijnverhuur. Het EESC zou graag zien dat de Commissie de nationale en lokale overheden aanbeveelt om periodiek na te gaan hoe activiteiten op het gebied van kortetermijnverhuur al dan niet rechtstreeks van invloed zijn op het lokale toeristische potentieel, het leven van omwonenden, de beschikbare accommodatie voor langetermijnverhuur, de lokale woningmarkt, de kosten van het levensonderhoud in de regio, de werkgelegenheid, milieuvervuiling en de eerbiediging van lokale tradities.

Door de hoge vlucht die de kortetermijnverhuur van accommodatie via onlineplatforms inmiddels heeft genomen – ongeveer een kwart van alle toeristische accommodaties in de EU wordt nu op deze wijze verhuurd – zijn verscheidene gemeenschappen onder druk komen te staan. Terwijl sommige minder bekende regio’s en steden dankzij de betaalbaardere accommodaties meer toeristen hebben weten aan te trekken, zijn populairdere toeristische bestemmingen inmiddels op het punt gekomen dat zij de toestroom niet meer aankunnen. In Venetië, Florence en Barcelona, om enkele voorbeelden te noemen, zijn hotels en andere traditionele vormen van verhuur door deze concurrentie op ramkoers met Airbnb en andere onlineplatforms gekomen en is het lokale leven nagenoeg vastgelopen.

“Wat we interessant vonden, zijn de mogelijke overloopeffecten van de verordening”, aldus Marinel Dănuű Mureșan, rapporteur voor het advies. “Hoewel de verordening zelf alleen betrekking heeft op het verzamelen en delen van gegevens over de kortermijnverhuur van accommodatie op EU-niveau, kunnen we indirect, als de nationale autoriteiten deze gegevens van de platforms kunnen verkrijgen, meer substantiële resultaten behalen. De effectbeoordelingen zouden een belangrijk instrument voor beleidsmakers zijn.”

Het EESC pleit ook voor een systeem waarbij verhuurders een verzekering moeten afsluiten. Die verzekeringen zouden in de plaats kunnen komen van omslachtige vergunningsprocedures, die volgens de verordening niet door de lokale autoriteiten opgelegd mogen worden, al worden verder geen aanwijzingen gegeven. Dergelijke verzekeringen zouden de meeste risico’s van kortetermijnverhuur dekken, waarbij het aan de verzekeraar is om na te gaan of de verhuurder aan de regels voldoet.

Andere voorstellen van het EESC ter verbetering van de verordening hebben betrekking op een vereenvoudigde registratieprocedure met een uniform, EU-breed format en een gestandaardiseerde aanpak ten aanzien van de hoeveelheid informatie die in verband met alle kortetermijnverhuuractiviteiten verstrekt moet worden. (dm)

Er is dringend behoefte aan een akkoord over de hervorming van het kader voor economische governance

Het EESC heeft tijdens zijn zitting van 24 februari een advies over de mededeling van de Commissie goedgekeurd waarin zij haar voorstellen voor een hervorming van het kader voor economische governance uiteenzet. Er moet snel een akkoord worden bereikt, maar het plan behoeft nog enige finetuning, aldus het EESC.

Read more in all languages

Het EESC heeft tijdens zijn zitting van 24 februari een advies over de mededeling van de Commissie goedgekeurd waarin zij haar voorstellen voor een hervorming van het kader voor economische governance uiteenzet. Er moet snel een akkoord worden bereikt, maar het plan behoeft nog enige finetuning, aldus het EESC.

Sinds het verdrag van Maastricht (1992) heeft het EU-kader voor economische governance de voorwaarden helpen scheppen voor economische stabiliteit, groei en meer werkgelegenheid in Europa. Hoewel het kader in de loop der tijd is geëvolueerd, is het ook steeds complexer geworden en niet alle instrumenten en procedures ervan hebben de tand des tijds doorstaan. 

Het EESC is het ermee eens dat er snel overeenstemming moet worden bereikt in de aanloop naar de nationale begrotingen voor 2024, maar benadrukt dat veel details nog moeten worden vastgesteld. De voorgestelde “structurele begrotingsplannen” moeten ervoor zorgen dat de schuldquote daalt of op een prudent niveau blijft. Tegelijkertijd moeten de regels voldoende budgettaire ruimte laten voor investeringen in de groene en de digitale transitie. Maar het allerbelangrijkste blijft: om een hervormd kader succesvol te laten zijn, is eigen inbreng in het proces van cruciaal belang. 

“Het begrotingskader moet dringend worden hervormd. Veel lidstaten hebben hun overheidsfinanciën onvoldoende geconsolideerd”, aldus EESC-rapporteur Krister Andersson. “Het gebrek aan voorzichtig beleid in goede tijden brengt de meest kwetsbaren in de samenleving schade toe. Verminderde schuldniveaus en schuldhoudbaarheid zijn van cruciaal belang. Ook wij zijn van mening dat er snel een akkoord moet worden bereikt, voordat de lidstaten met hun begrotingsprocedure voor 2024 beginnen.” (tk)

Jaarlijkse duurzamegroeianalyse 2023: Goede communicatie moet de voordelen van het Europese project aantonen

In een op 23 februari goedgekeurd advies heeft het EESC zich uitgesproken over de mededeling van de Europese Commissie over de jaarlijkse duurzamegroeianalyse 2023 (ASGS); het dringt er bij de Commissie op aan te investeren in communicatie over de uitdagingen waar de EU voor staat en de vraag wat er moet worden gedaan om deze uitdagingen het hoofd te bieden. 

Read more in all languages

In een op 23 februari goedgekeurd advies heeft het EESC zich uitgesproken over de mededeling van de Europese Commissie over de jaarlijkse duurzamegroeianalyse 2023 (ASGS); het dringt er bij de Commissie op aan te investeren in communicatie over de uitdagingen waar de EU voor staat en de vraag wat er moet worden gedaan om deze uitdagingen het hoofd te bieden. 

De ASGS 2023, waarin de prioriteiten van het economisch en werkgelegenheidsbeleid van de EU voor de komende 12 tot 18 maanden worden geschetst, heeft tot doel de negatieve gevolgen van energieschokken op korte termijn te verzachten, duurzame en inclusieve groei te bevorderen en de economische en sociale veerkracht van de EU op middellange termijn te vergroten. 

In zijn advies toont het Comité zich ingenomen met de prioriteiten op het gebied van concurrerende duurzaamheid en met de aandacht voor de versterking van de sociale dialoog in de EU. Voorts benadrukt het EESC het belang van goede communicatie en verzoekt het de Commissie daarin te investeren. Om de interne markt beter te laten werken, dringt het EESC aan op eerlijke arbeidsvoorwaarden, doeltreffende concurrentie en meer aandacht voor de zorgen van het maatschappelijk middenveld. Ook moedigt het Comité de lidstaten aan om bij de aanpak van de inflatie een realistische, gematigde en evenwichtige aanpak te volgen. 

"Een overtuigende, betrouwbare, gezamenlijke boodschap over onze uitdagingen en de manier waarop de EU deze te boven is gekomen, is van fundamenteel belang voor de burgers, zal misverstanden over het Europese project voorkomen en het idee van “een Europa voor iedereen” kracht bijzetten”, aldus EESC-rapporteur Gonçalo Lobo Xavier. (tk)

Halfvol/halfleeg: de actoren van de Dagen van het maatschappelijk middenveld zijn bezorgd, maar hebben ook vertrouwen in de toekomst van het maatschappelijk middenveld in Europa

De Dagen van het maatschappelijk middenveld 2023 van het EESC, die van 1 tot 3 maart plaatsvonden, hebben een reeks voorstellen opgeleverd om de civiele ruimte van de EU niet alleen te beschermen, maar ook uit te breiden en jongere generaties een solide basis te bieden waarop zij een bruisend maatschappelijk middenveld kunnen opbouwen.

Read more in all languages

De Dagen van het maatschappelijk middenveld 2023 van het EESC, die van 1 tot 3 maart plaatsvonden, hebben een reeks voorstellen opgeleverd om de civiele ruimte van de EU niet alleen te beschermen, maar ook uit te breiden en jongere generaties een solide basis te bieden waarop zij een bruisend maatschappelijk middenveld kunnen opbouwen.

Het driedaagse evenement vond plaats van 1-3 maart onder het motto: “Maatschappelijke organisaties: pijlers van de democratie en belangrijke spelers om de huidige uitdagingen het hoofd te bieden”. Het evenement opende met een pleidooi om de civiele ruimte in de EU tegen interne en externe bedreigingen te beschermen en eindigde met de presentatie van een reeks conclusies die tijdens acht interactieve workshops waren getrokken. De voorstellen betreffen belangrijke kwesties voor de toekomst van het maatschappelijk middenveld, variërend van de EU-verkiezingen van 2024 tot de toekomst van burgerpanels in de EU-beleidsvorming, het Europees Semester, de financiering van het maatschappelijk middenveld en nog veel meer.

Bij de opening benadrukte EESC-voorzitter Christa Schweng dat het EESC herhaaldelijk de aandacht heeft gevestigd op de bedreigingen voor het maatschappelijk middenveld. “Daarom waren wij glashelder in onze reactie op het actieplan van de Commissie voor de Europese democratie. Wij hebben de Commissie opgeroepen een speciale pijler voor het maatschappelijk middenveld te creëren en hebben het verzoek van Europese maatschappelijke organisaties en netwerken om een Europese strategie voor het maatschappelijk middenveld doorgegeven.”

Dubravka Šuica, Europees commissaris voor democratie en demografie, gaf toe dat “we democratie niet als vanzelfsprekend mogen beschouwen. Net zo min mogen we het maatschappelijk middenveld als vanzelfsprekend beschouwen.” Zij benadrukte het optreden van de Commissie naar aanleiding van de Conferentie over de toekomst van Europa, waarbij 80 % van de wetgevingsinitiatieven dit jaar rechtstreeks voortvloeiden uit voorstellen van burgers op de Conferentie. “Wij namen uw inzet serieus, evenals de voorstellen van de Conferentie.”

Ongeveer 500 deelnemers namen deel aan dit evenement, dat voor het eerst sinds het begin van de COVID-19-pandemie volledig fysiek plaatsvond.

De volledige conclusies vindt u binnenkort op de website van het EESC. Het EESC zal er ook voor zorgen dat zij de grotere EU-instellingen bereiken.

De Dagen van het maatschappelijk middenveld worden georganiseerd door het EESC, in samenwerking met zijn verbindingsgroep, die pan-Europese maatschappelijke organisaties en netwerken bijeenbrengt.

Nieuws van de groepen

Een nieuwe koers voor de wederopbouw van Oekraïne

door de groep Werkgevers van het EESC

Een jaar na de ongerechtvaardigde inval van Rusland in Oekraïne heeft de groep Werkgevers de leiders van Oekraïense bedrijfsorganisaties ontmoet om de huidige situatie van het bedrijfsleven in Oekraïne te bespreken en uit de eerste hand te vernemen wat Oekraïense bedrijven nodig hebben om nu te overleven en vervolgens te beginnen met de wederopbouw.

Read more in all languages

door de groep Werkgevers van het EESC

Een jaar na de ongerechtvaardigde inval van Rusland in Oekraïne heeft de groep Werkgevers de leiders van Oekraïense bedrijfsorganisaties ontmoet om de huidige situatie van het bedrijfsleven in Oekraïne te bespreken en uit de eerste hand te vernemen wat Oekraïense bedrijven nodig hebben om nu te overleven en vervolgens te beginnen met de wederopbouw.

Het afgelopen jaar is het bbp van Oekraïne met 30-35 % gekelderd. De totale directe verliezen worden geschat op bijna 130 miljard dollar.  Volgens verschillende schattingen hebben 2,5 tot 5 miljoen mensen hun baan verloren en bedraagt de inflatie 26,6 %.

“Nu veel werknemers, klanten en partners naar het buitenland vertrekken, hun bedrijf verliezen door beschietingen en bombardementen of aan het front vechten, is het erg moeilijk om een hoog inkomensniveau te handhaven, zeker voor kleine en middelgrote ondernemingen”, zei Kateryna Glazkova, uitvoerend directeur van het Verbond van Oekraïense ondernemers. 

Bedrijven kampen met een aantal problemen. Ze zijn niet in staat de klanten terug te winnen die ze door de verstoring van de toeleveringsketens, door delocalisatie of andere problemen zijn kwijtgeraakt. Het gebrek aan financiële middelen, het algemene gevoel van onveiligheid en het feit dat ze hun goederen en diensten niet kunnen exporteren, baart de meeste CEO’s zorgen.

Ongeveer de helft van de bij de European Business Association aangesloten bedrijven heeft positieve verwachtingen voor hun bedrijfsprestaties in 2023. Dit zijn de conclusies van de studie Business Forecast 2023, die werd uitgevoerd door de EBA en Raiffeisen Bank met analytische steun van Gradus Research. Uit de resultaten van dit jaar blijkt dat topmanagers hun verwachtingen en prognoses waarschijnlijk naar beneden zullen bijstellen. Ter vergelijking: vorig jaar gaf 83 % van de CEO’s gunstige prognoses.

Om in de toestand verbetering te brengen, zei Gennadiy Chyzhykov, voorzitter van de Oekraïense Kamer van Koophandel, moeten bedrijven weer kunnen exporteren. “Het is een kwestie van overleven”, zei hij.

“De export moet worden gestimuleerd om verstoorde toeleveringsketens te herstellen, Europese partners aan te trekken en te leren van Europese ervaringen. Daartoe moeten de groene corridors worden voortgezet en verbeterd,” aldus Anna Derevyanko, uitvoerend directeur van de European Business Association (EBA).

“Deelname aan het programma voor de interne markt heeft voor Oekraïense bedrijven de weg vrijgemaakt om de EU-markt te betreden en heeft mogelijk nieuwe kansen gecreëerd, maar de B2B-match moet worden verbeterd zodat bedrijven de nodige bijstand en advies krijgen en contacten kunnen leggen om operationeel te worden”, vervolgde Anna Derevyanko.  “Dit is geen sprint, maar een marathon” voegde ze eraan toe.

De groep Werkgevers staat volledig achter de maatregelen van de EU om Oekraïne te steunen in deze moeilijke tijden en om werk te maken van de wederopbouw van Oekraïne, zelfs nu de oorlog nog aan de gang is. We zijn met onze tegenhangers in Oekraïne in gesprek gegaan en we hebben druk uitgeoefend op onze EU-beleidsmakers om alles te doen wat nodig is om Oekraïne eerst te helpen overleven en daarna de Russische agressie te verslaan. Voorzitter Stefano Mallia zei: “Steun aan Oekraïense bedrijven, bijvoorbeeld door de markttoegang te vergemakkelijken, is van fundamenteel belang voor Europa. De afgelopen maanden is gebleken dat Oekraïne en de EU logische partners zijn. Laten we daarop voortbouwen.”

Werken aan een sociaal Europa: Oekraïens parlement neemt wet aan ter bescherming van sociale rechten en collectieve onderhandelingen

Door de groep Werknemers van het EESC

Op 23 februari 2023 heeft het Oekraïens parlement zijn fiat gegeven aan een wet die de sociale rechten versterkt door de sociale dialoog en collectieve onderhandelingen te beschermen. Een mijlpaal in de bescherming van Oekraïense werknemers en de toetreding van Oekraïne tot de EU. 

Read more in all languages

Door de groep Werknemers van het EESC

Op 23 februari 2023 heeft het Oekraïens parlement zijn fiat gegeven aan een wet die de sociale rechten versterkt door de sociale dialoog en collectieve onderhandelingen te beschermen. Een mijlpaal in de bescherming van Oekraïense werknemers en de toetreding van Oekraïne tot de EU. 

De goedgekeurde wet bepaalt dat collectieve overeenkomsten bindend zijn, waarborgt het recht van vakbonden om te onderhandelen en waarborgt hun rechten en preferentiële rol bij collectieve onderhandelingen en de sociale dialoog. Zij voorziet er tevens in dat werkgevers materiële en technische ondersteuning moeten bieden voor vakbondsactiviteiten binnen de onderneming, en dat de financiering van activiteiten en uitgaven in het kader van collectieve arbeidsovereenkomsten onder de verplichte en beschermde bedrijfsuitgaven valt. De wet geeft de vakbonden ook een sterke rol met betrekking tot mogelijke veranderingen in de arbeidsvoorwaarden, en bijvoorbeeld het recht om een veto uit te spreken over het ontslag van vakbondsmilitanten.

Partijen uit het hele politieke spectrum schaarden zich in het Oekraïense parlement achter de wet, met belangrijke steun van het centrum en centrumrechts. De groep Werknemers van het EESC steunt de bevolking, de vakbonden en de maatschappelijke organisaties van Oekraïne bij hun streven naar vrede en sociale rechtvaardigheid in hun door oorlog geteisterde land. Hun rol bij het verlenen van humanitaire hulp en het draaiende houden van de economie, in moeilijke omstandigheden en vaak met gevaar voor eigen leven, kan moeilijk worden overschat. Een al even belangrijke rol spelen zij bij de wederopbouw van Oekraïne, die gebaseerd moet zijn op volledige eerbiediging van de fundamentele rechten van werknemers en burgers. De goedkeuring van deze wet is een zeer belangrijke stap, niet alleen voor de bescherming van werknemers in Oekraïne, maar ook voor het proces van toetreding van Oekraïne tot de EU.  

De groep Maatschappelijke Organisaties nodigt u uit voor de conferentie “Civil society organisations defending and strengthening European democracy”

Door de EESC-groep Maatschappelijke Organisaties

Welke rol spelen de maatschappelijke organisaties bij het versterken van de Europese democratie? Hoe staat het met de betrekkingen tussen maatschappelijke organisaties en besluitvormers? Waarom is dit belangrijk en wat kunnen we leren van de praktijk in de EU-lidstaten?

Read more in all languages

Door de EESC-groep Maatschappelijke Organisaties

Welke rol spelen de maatschappelijke organisaties bij het versterken van de Europese democratie? Hoe staat het met de betrekkingen tussen maatschappelijke organisaties en besluitvormers? Waarom is dit belangrijk en wat kunnen we leren van de praktijk in de EU-lidstaten?

Op 30 maart zal de EESC-groep Maatschappelijke Organisaties deze en andere vragen in een panel met vertegenwoordigers van andere Europese instellingen en maatschappelijke organisaties proberen te beantwoorden tijdens zijn conferentie over de inspanningen van maatschappelijke organisaties om de Europese democratie te verdedigen en te versterken.

Dit hybride evenement zal plaatsvinden met het oog op de publicatie van het pakket ter verdediging van de democratie van de Europese Commissie en de evaluatie van de uitvoering van het Europees actieplan voor democratie. Doel is input te leveren voor het debat over deze thema’s.

De conferentie zal plaatsvinden op 30 maart van 9.15 tot 13 uur (CEST). Deelnemers kunnen kiezen hoe ze de conferentie willen bijwonen: ter plekke in het gebouw van het EESC in Brussel of online via het videoconferentieplatform Interactio. De inschrijving sluit op 26 maart.

U kunt de conferentie volgen via de webpagina van het evenement (beschikbaar in het Engels, Frans en Duits). Voorafgaande registratie is niet nodig.

Voor nadere informatie kunt u terecht op de webpagina van het evenement: https://europa.eu/!9gPYcm, waarop u zich ook kunt inschrijven.

Heeft u nog vragen? Stuur dan een mail naar: EU-Democracy@eesc.europa.eu

Soon in the EESC/Cultural events

“There, out of sight”: Jongerenevenement van het EESC sluit af met muzikale hulde aan Oekraïne

Het EESC zal op 24 maart een muziekvoorstelling organiseren in het kader van de slotceremonie van zijn jongerenevenement “Jouw Europa, jouw mening!”. De show is een muzikale hulde aan de strijd van Oekraïne voor democratie en vrijheid in de vorm van liedjes over alledaagse helden.

Read more in all languages

Het EESC zal op 24 maart een muziekvoorstelling organiseren in het kader van de slotceremonie van zijn jongerenevenement “Jouw Europa, jouw mening!”. De show is een muzikale hulde aan de strijd van Oekraïne voor democratie en vrijheid in de vorm van liedjes over alledaagse helden.

De voorstelling, die de titel “Svit za ochi” (There, out of sight) heeft gekregen, zal worden opgevoerd door het Poolse toneelgezelschap Theatre Navpaky. Het is een compilatie van negen liedjes waarin verhalen worden verteld over jonge mensen en hun ervaringen tegen de achtergrond van de huidige gebeurtenissen in Oekraïne.

Het idee achter de voorstelling is te laten zien dat de mensen die zo heldhaftig vechten voor hun vrijheid geen statige bronzen standbeelden zijn, maar gewone mensen van vlees en bloed, met hun eigen leven, pleziertjes en problemen.

De liedjes worden gezongen in het Oekraïens, met Engelse ondertitels. De show biedt niet-Oekraïense kijkers een unieke kans om de Oekraïense cultuur te leren kennen

en zal worden opgevoerd tijdens de slotsessie van “Jouw Europa, jouw mening!”, het jaarlijkse jongerenevenement van het EESC dat dit jaar plaatsvindt op 23 en 24 maart. 105 leerlingen van 35 middelbare scholen uit de hele EU en de kandidaat-lidstaten, waaronder Oekraïne en Moldavië, komen naar Brussel om te debatteren over democratie en de participatie van jongeren in het openbare leven. Aan de hand van de methoden van de parlementaire democratie zullen zij voorstellen doen voor de manier waarop de participatie van jongeren in de beleidsvorming van de EU kan worden verbeterd. Het EESC zal er daarna voor zorgen dat hun voorstellen terechtkomen bij de EU-instellingen en besluitvormers.

Ze kan alleen op uitnodiging worden bijgewoond, maar een opname van de uitvoering zal op de website van het EESC kunnen worden bekeken.

Lees hier het volledige programma van YEYS. (ck/dm)

Redactie

Ewa Haczyk-Plumley (editor-in-chief)
Daniela Marangoni (dm)

Aan deze uitgave werkten mee

Millie Tsoumani (mt)
Chrysanthi Kokkini (ck)
Daniela Marangoni (dm)
Daniela Vincenti (dv)
Ewa Haczyk-Plumley (ehp)
Giorgia Battiato (gb)
Jasmin Kloetzing (jk)
Katerina Serifi (ks)
Katharina Radler (kr)
Laura Lui (ll)
Marco Pezzani (mp)
Margarita Gavanas (mg)
Margarida Reis (mr)
Pablo Ribera Paya (prp)
Thomas Kersten (tk)

Coördinatie

Agata Berdys (ab)
Giorgia Battiato (gb)

Technical support
Bernhard Knoblach (bk)
Joris Vanderlinden (jv)

Adres

Europees Economisch en Sociaal Comité
Jacques Delorsgebouw, Belliardstraat 99, B-1040
Brussel, België

EESC Info verschijnt negen keer per jaar – telkens ter gelegenheid van een EESC-zitting. EESC info is beschikbaar in 23 talen.
EESC Info is niet het officiële verslag van de werkzaamheden van het EESC. Voor die werkzaamheden wordt verwezen naar het Publicatieblad van de Europese Unie en andere publicaties van het EESC.
Reproductie – onder vermelding van EESC Info – is toegestaan, op voorwaarde dat de redactie een
link wordt toegestuurd.
 

March 2023
04/2023

Follow us

  • Facebook
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Instagram