You are here

"Rechtstreekse betalingen moeten voorbehouden zijn aan actieve landbouwers," stelt het EESC in een oproep voor speciale ondersteuning van jonge landbouwers.

Het EESC pleit voor een krachtig en goed gefinancierd GLB en voor het optrekken van de EU-begroting tot 1,3 % van het bni, overeenkomstig de groei in de EU-economie. Het GLB moet op passende financiële middelen kunnen rekenen in verband met de lage inkomens van landbouwers en werknemers in de landbouw, de inflatie en het mogelijk tekort als gevolg van de brexit, en met bijkomende vereisten op het vlak van milieu en klimaatverandering.

"Europese landbouwers – familiebedrijven, kmo's, coöperaties en andere traditionele vormen van landbouw – moeten met hun landbouwinkomen kunnen rondkomen. Hiervoor moet worden gezorgd aan de hand van eerlijke prijzen en degelijke rechtstreekse betalingen. Rechtstreekse betalingen mogen echter alleen ten goede komen aan actieve landbouwers en landbouwondernemingen wier landbouwproductie voldoet aan objectieve criteria en regionale praktijken en die publieke goederen leveren. Het volstaat niet om eigenaar te zijn van landbouwgrond," zegt Jarmila Dubravská, rapporteur van het EESC-advies De toekomst van voeding en landbouw. "Voor EU-landbouwers is het van essentieel belang dat de wetgevingsvoorstellen tot een echte vereenvoudiging van de meest omslachtige elementen van het GLB leiden," voegt John Bryan daaraan toe.

Subsidiariteit mag het GLB en de eengemaakte markt niet ondermijnen. Subsidiariteit moet alleen gelden voor de plannen waarmee de lidstaten de GLB-doelstellingen ten uitvoer leggen, om de lidstaten enige flexibiliteit te bieden om de mogelijkheden voor betalingen uit hoofde van de eerste en de tweede pijler zo goed mogelijk af te stemmen op de soorten landbouwbedrijven en de structuren en omstandigheden in de betreffende landen, rekening houdend met natuur en milieu. Het EESC is er geen voorstander van dat de lidstaten middelen overhevelen van de tweede naar de eerste pijler, maar vindt dat voor alle lidstaten een redelijk peil van cofinanciering van de tweede pijler moet worden vastgesteld.

Het EESC stelt ook voor om de GLB-ondersteuning van jonge landbouwers en generatievernieuwing te verbeteren. Tot slot moet de EU een meer samenhangende strategie inzake het GLB en het handelsbeleid nastreven. (sma)