You are here

Een associatieovereenkomst tussen de EU en Mercosur is alleen mogelijk als dit voor beide partijen voordelig is

 De overeenkomst mag niet ten koste gaan van een sector, regio of land, benadrukt het Europees Economisch en Sociaal Comité

De Europese Unie is de grootste economie ter wereld en Mercosur de op vijf na grootste. Met de ondertekening van de associatieovereenkomst zijn er voor beide partijen aanzienlijke voordelen te behalen, aldus het Europees Economisch en Sociaal Comité in zijn advies Naar een associatieovereenkomst tussen de EU en Mercosur, aangenomen tijdens de zitting op 24 mei. De EU zou toegang krijgen tot een markt van bijna 300 miljoen inwoners. Mercosur zou zijn economieën kunnen diversifiëren, meerwaarde bieden aan zijn export en toegang krijgen tot een markt van 500 miljoen mensen. De sluiting van een associatieovereenkomst tussen de EU en Mercosur zal, gezien het grondgebied, de bevolking en de huidige handelsrelatie ter waarde van meer dan 84 miljard EUR per jaar, de rol van de twee blokken op het internationale toneel versterken en een grote ruimte van economische integratie scheppen, met gunstige gevolgen voor beide partijen en met positieve neveneffecten voor de rest van Latijns-Amerika. Het EESC waarschuwt er echter voor dat sluiting van een slechte associatieovereenkomst onder alle omstandigheden moet worden vermeden.

"Het EESC dringt er hoe dan ook bij de onderhandelingspartners, en met name bij de EU, op aan om voor ogen te houden dat het niet sluiten van een overeenkomst of het sluiten van een overeenkomst die niet evenwichtig is voor beide partijen hoge politieke en economische kosten met zich mee zou brengen", aldus Josep Puxeu Rocamora, rapporteur voor het EESC-advies. De associatieovereenkomst zou een uitgebreide strategische overeenkomst zijn, gericht op het bieden van langetermijnvoordelen voor alle economische en sociale actoren van beide partijen op het gebied van ontwikkeling, veiligheid, migratie en milieu-uitdagingen.

"De associatieovereenkomst moet een alomvattende sociale, arbeids- en milieudimensie hebben" , herhaalde Mário Soares, corapporteur van het advies. "Deze dimensie zou moeten waarborgen dat de economische betrekkingen worden afgestemd op de sociale en milieudoelstellingen en op de IAO-verdragen die aan de basis liggen van duurzame ontwikkeling".(sg)